Sanne wordt wakker en hoort direct ‘I got you babe’ uit de kleine speakers van de wekkerradio. Ze houdt haar ogen dicht en huilt tranen van geluk. Ze mag haar dag overdoen. Een ding is duidelijk: ontsnappen is geen optie. Natuurlijk, ze zou het slimmer kunnen aanpakken dan de vorige dag, maar het risico is te groot. In het heropvoedingsgesticht wil ze hoe dan ook nooit meer komen. De grote vraag is natuurlijk hoe ze dan wel verder moet.

Ze trekt de mooiste jurk aan die ze in haar kast heeft hangen, pakt haar borstel om haar haren te kammen en loopt naar de eetzaal. De kassière wordt vrolijk gegroet en fluitend pakt ze haar ontbijt. Terwijl ze de yoghurt rustig opeet, denkt ze na over hoe het nu verder moet. De directeur proberen te verleiden om haar niet te straffen, heeft niet geholpen. Eigenlijk weet ze nu al zeker dat ze straks weer gestraft gaat worden. Daarnaast heeft ze geen idee hoe ze kan voorkomen dat de dag zich weer zal herhalen. Het enige wat ze zeker weet, is dat proberen te ontsnappen niet werkt. Ze denkt na over dingen die ze nog niet geprobeerd heeft. Zuchtend vertrekt ze om te gaan wandelen in het dorp. Tenminste, nadat ze even haar akkefietje met de bewaker bij de moestuin heeft opgelost.

In het dorp gaat ze alleen even langs de meest lucratieve adressen om wat contant geld voor de rest van de dag op te halen. Daarna bezoekt ze het lunchcafé en zorgt ze dat ze met Daan in gesprek komt. Wanneer ze zijn vertrouwen weer heeft gewonnen, besluit ze ervoor te gaan. “Daan, heb je weleens het gevoel dat alles zich herhaalt?” Hij kijkt haar verbaasd aan. “Bedoel je een déjà vu? Volgens mij heeft iedereen dat weleens, toch?” Ze schudt haar hoofd. “Nee, ik bedoel dat je iets keer op keer beleeft, zoals deze dag.” Daan kijkt nog verbaasder. “Wil je soms zeggen dat je denkt deze dag al eens beleefd te hebben?” Ze schudt nogmaals haar hoofd. “Wat ik wil zeggen, is dat ik deze dag al eens heb meegemaakt. Meer dan eens zelfs. Dit is al de 23e keer dat ik deze dag beleef en elke morgen word ik weer in mijn eigen bed wakker. Ik weet wat er gebeurd is, maar alle anderen niet en alles loopt precies zoals de dag ervoor.” Ze ziet dat Daan het probeert te begrijpen. “Dus je hebt ook al 23 keer met mij gepraat?” “Nou nee,” lacht ze, ik heb je ook weleens afgewezen. Toen kreeg ik echter een pak slaag van die undercover bewaker die al een tijdje achter je zit.”

Daan worstelt zichtbaar om te begrijpen wat hij hoort. “Ik snap wel dat je me niet gelooft hoor, je kent me pas net, ik ben een onbetrouwbare gevangene, het is wel logisch,” gaat ze verder. “Nee, dat is het niet, alleen…” Hij valt stil. “Het kan eigenlijk niet he. Ik snap het ook niet. Maar misschien helpt dit: over 20 seconden staat die bewaker op, en een paar seconden later struikelt hij over die uitgestoken stoelpoot daar.” Daan wil wat terugzeggen, maar ze houdt een vinger voor haar mond om hem tot stilte te manen. Dan staat de bewaker op, en precies zoals Sanne geschetst heeft, en struikelt hij over de stoelpoot. Met open mond kijkt Daan het schouwspel aan. “Dat, hoe wist je dat? Je meent het, he, je maakt deze dag echt elke keer mee!”

Samen kletsen ze verder over de dag die Sanne elke dag heeft. De gymles, het eten, maar bovenal het pak slaag dat ze elke dag krijgt van de directeur. “En daarna ga ik terug naar mijn kamer en val ik in slaap. De volgende dag word ik dan weer wakker, alleen is het dezelfde dag.” Daan denkt na. “Heb je al eens geprobeerd om wakker te blijven?” “Nee,” zegt Sanne, “ik val iedere keer als een blok in slaap. Ze krijgt een idee. “De beveiliging is niet zo streng bij ons en volgens mij kun je best naar binnen glippen.” Hij begint te blozen. “Dat kan toch helemaal niet!” Ze wuift het weg. “Het is alleen maar zodat jij me kunt helpen om wakker te blijven.” Eigenlijk weet ze wel dat hij niet zal weigeren, daar vindt hij haar veel te leuk voor. Schoorvoetend gaat hij akkoord en maken ze afspraken voor die avond. Ze kletsen nog even door, tot Sanne afscheid moet nemen om naar haar sportles te gaan.

Aan het einde van de dag loopt Sanne over de binnenplaats terug naar haar kamer. Ze baalt dat ze zich heeft laten afleiden door haar geplande bezoek aan Daan. Waarom ze er zoveel aan dacht, weet ze ook niet precies. Hij is natuurlijk best leuk om te zien, en ook wel gezellig, maar af en toe wel een beetje een sulletje. Misschien was ‘t het vooruitzicht om haar herhalende dag te kunnen beëindigen. Hoe dan ook, ze was niet op haar sterkst. Tijdens de gymles was ze te laat om de bal van Nadine af te kunnen leiden en even later kreeg ze er weer van langs met de gymschoen. Haar rode billen gaven de directeur extra aanleiding om goed uit te halen en de acht klappen die ze vandaag had gekregen, voelt ze maar al te goed.

Wanneer ze bij haar kamer is, opent ze het raam en fluit een wijsje. Vanuit een struik komt Daan tevoorschijn. Met wat hulp van Sanne weet hij het raam in te klimmen. Zijn handen glijden echter weg en in een reflex duwt hij Sanne van zich af. Die valt achterover, pardoes op haar kont. “Auw, verdomme!” schreeuwt ze uit. Daan springt door het raam en trekt haar overeind. “Gaat het?” fluistert hij. Sanne herstelt zich: “Ja het gaat wel, het was alleen een beetje een gevoelige plek.” Plots horen ze gerommel bij de deur. Sanne kijkt verschrikt naar de klink die naar beneden gaat. Met een oerinstinct trekt Daan de kleerkast open en springt naar binnen, om vervolgens de deur zo ver mogelijk dicht te trekken.

“Sanne, volgens mij hoorde ik jou vloeken, klopt dat?” vraagt de bewaker naar de bekende weg. “Eh, ja, ik probeerde het raam open te maken en toen viel ik.” De bewaker schudt meewarig zijn hoofd. “Vloeken en verstoring van de orde in de slaapvertrekken, dat zijn twee overtredingen. Hij stelt op zijn horloge de stopwacht in en gaat zitten op de rand van het bed. Met een zucht gaat ze over zijn schoot liggen. Haar jurk wordt opgestroopt en haar ondergoed gaat naar beneden. “Zo, dat is niet de eerste keer vandaag meisje. Niet zo slim hè?” Sanne zwijgt. De bewaker klikt de stopwatch in en gaat daarna als een metronoom aan de slag met haar billen. Met zijn grote handen weet hij alle zenuwen weer wakker te krijgen en de pijn van de eerdere straffen komt helemaal weer boven. Ze gromt en wiebelt, maar het haalt weinig uit. Na twee minuten begint zijn horloge te piepen en eindigt zijn taak. “Wel stil zijn hè, anders kom ik weer langs. Welterusten.” Met tegenzin groet Sanne terug.

Voor de zekerheid blijft Daan nog even staan, tot Sanne de kastdeur opent. “Laten we maar stil zijn,” fluistert ze. Ze kan er weer een beetje om lachen. “Hoe was het in de kast?” Hij begint weer te blozen en Sanne lacht terug. “Je hebt gegluurd hè?” Daan wordt nog roder. “Ik kreeg de kastdeur niet helemaal dicht en toen zag ik je zo liggen en…” “En toen kon je niet meer wegkijken zeker,” vult Sanne voor hem in. “Stout hoor, naar meisjes gluren. Om het goed te maken, mag je mij masseren.” Met die woorden gaat ze op haar buik op het bed liggen.

Daan aarzelt even, maar klimt dan op het bed om Sanne te masseren. Hij begint bij haar schouders, die hij zachtjes begint te kneden. “Hmm, fijn,” spint ze. Langzaam verschuift hij zijn aandacht naar haar armen, terug naar haar nek en dan over haar rug naar beneden. Wanneer hij met haar onderrug bezig is, rolt ze op haar zij en kijkt hem aan. “Wacht even, ik heb nog wat.” Ze klimt uit het bed en pakt de sheaboter van Nadine. Dan trekt ze haar jurk uit en draait ze zich met haar rug naar Daan toe. Sensueel wiegend met haar heupen trekt ze haar slipje langzaam omlaag. Ze stapt eruit, gaat weer op bed liggen en zet de boter naast zich neer. Daan heeft met open mond naar het schouwspel zitten kijken. Hij schudt even met zijn hoofd en komt dan weer in actie. Schrijlings over de benen van Sanne brengt hij een kleine klodder crème aan en begint voorzichtig te masseren. Sanne kreunt zachtjes.

Gaandeweg de massage wordt het kneden wat steviger. De kreuntjes worden luider en af en toe zuigt ze de adem scherp naar binnen als het wat gevoeliger wordt. “Je moet wel stil zijn, anders worden we nog betrapt,” fluistert Daan. Terwijl hij het zegt, knijpt hij in de blauwe plek op haar rechterbil. Ze piept met een hoog stemmetje. “Shht!” fluistert Daan, terwijl hij nog wat harder knijpt. Sanne begraaft haar hoofd in het kussen terwijl de massage wordt afgewisseld met in sterkte oplopende kneepjes. De combinatie van de korte pijn, de massage en de concentratie die nodig is om het niet uit te schreeuwen windt haar langzaam op. Ze houdt het bijna niet meer en voor ze het uit moet schreeuwen draait ze zich om, gaat overeind zitten en trekt Daan aan zijn shirt naar haar toe, om hem vervolgens gepassioneerd te zoenen. Hij zoent haar terug en even later probeert ze, al zoenend, zijn riem los te maken. Daan legt hijgend zijn hand op de hare. “Ik heb geen condooms bij me,” steunt hij. “Maakt niet uit, deze dag begint morgen toch opnieuw.”

Daan maakt zich direct los. “Dat kun je zeggen, maar ik weet alleen wat je mij verteld hebt. En dan nog, stel dat het dan nu wel de volgende dag zou zijn, dan zou je veel te veel risico lopen.” Sanne kijkt teleurgesteld. “Had je dat niet kunnen zeggen voordat we gingen zoenen!” Ze merkt dat ze iets te hard gepraat heeft en heel even wachten ze in spanning of er niemand binnenkomt. “Ik denk dat ik maar eens ga,” fluistert Daan, nadat ze hebben geconcludeerd dat de kust veilig is. “Nee, het spijt me, blijf je nog bij me?” Daan kijkt haar een paar seconden strak aan, zucht eens diep en gaat dan dicht tegen haar aan liggen. Hij slaat de deken om hen heen. “Zo vat je geen kou als je hier zo bloot ligt.”

Ze liggen een tijdje heel stil tegen elkaar aan, tot Daan zich weer naar haar toedraait. “Waarom ben je eigenlijk hier, in dit kamp bedoel ik?” Ze haalt haar schouders op. “Ik handelde in illegale elektronica.” “Je lichtte dus mensen op,” verbetert Daan haar. Sanne haalt haar schouders weer op. “Heb je geen spijt dat je dat gedaan hebt?” Ze denkt even na en komt dan tot de conclusie dat ze er nooit echt over nadenkt. “Ik weet ‘t niet, moet ik eerlijk zeggen.” Dan besluit ze de volgende stap te zetten. “Als ik nog eerlijker moet zijn, dan licht ik hier ook mensen op.” Hij kijkt haar even verschrikt aan. “Denk je dan niet aan hoe andere mensen er over denken?” Opnieuw merkt ze, dat ze hier nooit over heeft nagedacht. Ze zwijgen beide weer.

“Eigenlijk leek je me al een tijdje leuk,” doorbreekt Daan de stilte. “Ik had je al vaker zien zitten, maar ik durfde je nooit aan te spreken.” Sanne lacht. “Om heel eerlijk te zijn, vond ik jou niet direct leuk. In eerste instantie had ik je ook afgewezen, maar de manier waarop ik dat deed leverde me een pak slaag op. Toen heb ik daarna maar besloten dat ‘t makkelijker was om met je te praten, en langzaam bleek je wel leuk te zijn. Heel leuk, eigenlijk.” Ze bloost een beetje en het valt weer stil, tot Daan het weer tijd vindt voor een bekentenis. “Eigenlijk was ik ook al lang benieuwd hoe het er hier uit zou zijn als gevangenen gestraft worden.” Ze kijkt ondeugend terug. “Gevangenen, of een specifieke gevangene?” Nu is het Daans beurt om te blozen. “Jij wil zeker mij zelf ook wel straffen, of niet?” duwt ze door. “Je hebt het ook wel verdiend he, anders was je niet hier. En je hebt net nog bekend dat je mensen oplicht,” countert hij. “Het is gewoon de methode om jongeren weer op het rechte pad te krijgen. Dat voor elkaar te krijgen is ook heel bevredigend.” “Het doet anders heel pijn hoor!” Ze trekt een pruillip. “Tsja, volkomen verdiend en niets aan te doen,” antwoordt Daan schijnheilig. Zachtjes lachen ze om de situatie.

Het gesprek wordt daarna onschuldiger als Sanne vertelt over de eerdere ontmoetingen die ze gehad hebben. Ze begint te gapen, en even later volgt Daan ook. “We moeten wakker blijven,” probeert ze nog, maar een paar minuten later moet Daan haar wakker schudden. Ze blijft praten, maar hoort dan een zacht gesnurk naast haar. Deze keer probeert ze hem nog wakker te houden. Het is zinloos. Niet veel later vallen ze lichaam aan lichaam in slaap.

Geef een antwoord