Marco dacht er even aan Sonja te laten slapen, maar niet erg lang.

‘Tijd om aan het werk te gaan. Kom!’ Hij boog zich voorover en schudde aan het kussen van de bank.

Sonja werd verdwaasd wakker. Ze was ver weggeweest. Het was niet verstandig maar ze had wel even wat anders aan haar hoofd dan Marco. Ze draaide zich om zodat ze naar de rugleuning keek en schudde, nee.

‘Kom op. Omhoog! Nu. We gaan’. Marco boog zich voorover en schudde haar schouder.

‘Laat me met rust’. Sonja rekte zich uit en probeerde de dufheid kwijt te raken. De huid van haar benen en billen brandde, toen haar shorts erlangs schuurde. Langzaam keerden de herinneringen aan die ochtend en het begin van de middag terug. Het maakte haar humeur er niet beter op.

‘Kom op. Geen discussie. Het is jouw stage, niet de mijne’. Marco liep naar de tafel.

Sonja draaide zich op haar rug en kwam vervolgens overeind. Ze vertrok haar gezicht toen haar gewicht helemaal op haar billen rustte. De blauwe plekken waren niet langer verdoofd. Ze keek toe hoe Marco heen en weer scharrelde in de hut, die zachtjes meetrilde op zijn beweging. Wat was hij eigenlijk een vervelende man, dacht ze. Haar blik bleef hem volgen totdat hij zich naar haar omdraaide. Haar gezicht stond op onweer, haar mond was tot een streepje vernauwd en haar ogen half toegeknepen.

Toen zijn ogen de hare ontmoetten was het slechts een vluchtige blik. Hij nam haar gezichtsuitdrukking waar. Hij herkende de boosheid en afstand op haar gezicht. ‘Ik zeg het niet nog eens’, was alles wat hij zei.


Sonja zuchtte en zette haar voeten op de vloer. Ze stond op en liep naar de wasbak en gooide een paar handen koud water in haar gezicht. Vervolgens sloot ze de deur van de badkamer en ging op het toilet zitten om haar volle blaas te legen. Onwillekeurig kwam er een kreunend geluid over haar lippen toen haar gehavende dijen contact maakten met de bril. Ze trok een been op en trok met haar hand de huid strak en zag de strepen die Marco met de liniaal had aangebracht. Ze waren rood en de randen ervan blauw. ‘Jee, hij heeft wel zijn best gedaan’, dacht ze. Ze zou haar spijkerbroek aan doen zodat hij geen plezier had van het zien van de schade.

De mist van haar korte, diepe slaap was net aan het optrekken toen haar gezicht opnieuw vertrok toen ze de spijkerbroek over haar billen trok. Ze zocht de kaart, een kompas en wat kokertjes bijeen. Ze legde haar plan aan Marco voor en vertelde hem waar Paul en zij mee bezig waren. Marco had er niets op aan te merken en dus klommen ze de ladder af en gingen aan de slag.

Het eerste half uur van de wandeling heerste er stilte. Geen van beiden zei iets. Sonja liep voorop gewapend met de kaart en het kompas. Marco volgde haar op een afstandje. Af en toe moesten ze een eindje omlopen omdat ze op een vennetje stuitten.

De buitenlucht deed het laatste restje mist in het hoofd van Sonja opklaren en deed de boosheid op de man die een eindje achter haar liep afnemen. Marco genoot ook van de wandeltocht. Hij was graag buiten, zijn humeur knapt er altijd van op. En toen hij tegen haar sprak was het gebeuren van eerder op de dag alweer naar de achtergrond gedrongen.

In eerste instantie reageerde Sonja niet op zijn uitlatingen, maar na een poosje liet zij zich ook verleiden tot een gesprekje over het buitenleven, het veldwerk, Staatsbosbeheer en de andere studententeams die Marco onder zijn hoede had.

Deze post was het meest afgelegen, het terrein het meest woest. Tegen de tijd dat ze de benodigde plantjes hadden verzamelt en gecheckt hadden op de aanwezigheid van parasieten en de nauwkeurig hadden beschreven, waren Marco en Sonja al weer met elkaar aan de babbel, al had er nooit iets van animositeit tussen hen bestaan. Sonja ontspande en vroeg zich af of de aankomende twee weken misschien toch niet zo erg waren als ze wel niet gedacht had.

Dit hield echter niet lang stand. De ronde die ze liepen duurde ongeveer drie uur. Het was al bijna 5:00 uur toen ze de toren weer bereikten. Sonja was moe en had honger en verheugde zich om eerst de monsters die ze genomen hadden ter zijde te leggen, iets te gaan eten en vervolgens te gaan liggen. Marco was er de man echter niet naar het werk onafgemaakt te laten.

‘OK, laat maar eens zien hoe je deze ontleedt, dan zal ik je helpen het logboek in orde te maken’, zei Marco en hij stalde de kokertjes uit op de werkbank in de ruimte onder in de toren.

‘Nee, dat doe ik straks wel. Ik neem eerst een pauze’, zei Sonja beslist. Het was niet uitdagend bedoeld. Ze zei gewoon wat er in haar opkwam.

‘Ik denk dat we het nu meteen even moeten doen, dan is het maar klaar’ Hij wist dat het niet meer dan een half uurtje in beslag zou nemen als ze het samen zouden doen. Hij vond het zinloos om het uit te stellen. Hij was bovendien even vergeten dat Sonja tussen de middag niet had gegeten. Hij bekeek het puur praktisch.

Sonja reageerde evenwel sterk. Haar lichamelijk vermoeidheid zorgde ervoor dat ze op zijn woorden reageerde alsof hij een rigide commando had gegeven. In een fractie van een seconde was de ontspannen sfeer als sneeuw voor de zon verdwenen en had plaats gemaakt voor de inmiddels bekende spanning.

‘Het kan me niet schelen hoe jij erover denkt! Ik ben moe en heb honger. Ik ga eerst even rusten en doe dit later wel’, zei ze pinnig. Toen draaide ze zich om en liep naar de ladder.

Marco was verbijsterd. Waar kwam dat nu in eens vandaan? De onverwachte felheid van haar reactie bracht een golf van verontwaardiging te weeg die hij inmiddels zo goed kende. ‘Klim die ladder op en je gaat er spijt van krijgen’, bitste hij. Zij deed zijn armen over elkaar en zijn gezicht verstrakte.

Sonja hield haar pas in en draaide zich om. Al haar zintuigen stonden op scherp toen zijn woorden tot haar doordrongen. Ze wou verbaal uit haar slof schieten, maar bedacht zich toen ze de woede op zijn gezicht zag. De vervaarlijke bedoelingen weerspiegelden in zijn ogen. Ze stond daar en staarde hem aan.

Marco wachtte even of ze nog wat zou zeggen. De stilte was zwanger van de spanning. Uiteindelijk, na ongeveer een minuut, verbrak Marco de stilte. ‘Kom aan. We hebben nog werk te doen’. Zijn hoofd maakte een knikkende beweging naar de werkbank.

Een veelzijdigheid aan gevoelens kolkten door Sonja’s hoofd. Woede en verzet waren wel de meest overheersenden. Haar verzet en de herinneringen naar eerder op de dag vochten een verbeten strijd uit. Toen ze wederom een minuut bewegingsloos had gestaan, stapte Marco op haar toe. Ze deinsde achteruit.

‘Ik meende wat ik zei’, sprak Marco mij een ijselijk kalme stem.

‘Ga je me uitproberen?’, voegde hij er aan toe, toen er weer een halve minuut verstreken was.

‘Je doet dit alleen maar om me over de kling te jagen’, antwoordde Sonja. Ze verplaatste haar gewicht van het ene been op het andere.

‘Zou kunnen’, zei Marco, ‘dankzij jou brutale mond. En nu doe je wat ik zeg’.

Het vuur dat van Sonja’s gezicht spatte en vooral uit haar ogen was intens. Als ze een bijl in haar hand zou hebben gehad, zou ze hem door midden hebben geslagen. En als ze laserstralen in haar ogen zou hebben dan was hij op zeker in elkaar gestort.

Marco zag aan haar dat ze er dicht tegen aanzat haar gedachten ten uitvoer te brengen. ‘Ik zou de mogelijkheden goed afwegen, als ik jou was. Je billen moeten nog steeds behoorlijk zeer doen’.

Sonja draaide zich om naar de ladder en vervolgens weer terug naar Marco. Ze was zo boos dat ze het bijna niet kon laten heel hard te schreeuwen. Verschillende scenario’s schoten door haar hoofd, maar ze hadden allemaal dezelfde uitkomst. Een smalende glimlach speelde om zijn lippen toen hij haar zag worstelen met haar temperament, haar trots en ZIJN wil. Hij was heel benieuwd welke van de drie zou winnen.

‘Je bent een klootzak!’ Sonja besloot het werk maar af te maken en stampte terug naar de werkbank. In het passeren stootte ze hem aan. Haar schouder kwam hard in aanraking met zijn arm.

‘Je taalgebruik! Denk daar een beetje om!’, liet Marco een waarschuwing horen toen hij haar naar de werkbank volgde.

De volgende drie kwartier waren gespannen voor Sonja en amusant voor Marco. Omslachtig legde hij haar uit hoe ze preparaten moest maken van de monsters die ze verzameld hadden. Hij maakte aanmerkingen op haar handelingen en ondervroeg haar kritisch over het hoe en waarom van haar aanpak, hoewel ze alles volgens de regels der kunst deed. De spieren in haar kaken deden pijn en haar lippen waren in een witte streep samengeknepen tegen de tijd dat ze klaar waren.

Marco werd gegrepen door hoe mooi ze was en vond de rode kleur van boosheid nog knapper maakte. Half om half verwachtte hij dat ze naar hem uit zou halen en vervolgens de benen zou nemen. En als ze dat zou doen zou hij dubbel van het lachen gelegen hebben. Hij bewonderde haar elan.

‘Zo de preparaten zijn klaar en de proefjes uitgevoerd’. Sonja deed het dopje op het laatste kokertje. Ze pakte haar aantekeningen bij elkaar en het logboek. ‘En nu ga ik naar boven om te eten. Dit kan nog even wachten tot ik wat uitgerust ben’. Ze wapperde de stapel papier voor zijn gezicht. Even dacht hij dat ze hem uitdaagde, maar besloot dat dit niet het geval zou zijn. Hij nam het logboek van haar over.

‘Ik zei al dat ik je zou helpen met het logboek’. Hij maakte een uitnodigend gebaar naar de ladder.

Toen ze de ladder bereikten, bedacht Sonja zich en keek Marco aan. Ze deed een stapje opzij en gebaarde dat hij eerst moest gaan.

‘Na jou’, zei Marco hoffelijk.

‘Nee, jij eerst! Ik wil je niet achter me’, zei Sonja. Haar stem klonk spottend.

Marco moest lachen. ‘Wat is er? Bang dat ik je op je bips sla als je niet hard genoeg gaat?’ Sonja keek hem aan maar zei niets. ‘Ga maar, ik geef je wel een flinke voorsprong’ Hij glimlachte en stapte bij de ladder vandaan.

Sonja zuchtte en maakte een geluid wat het midden hield tussen grommen en kreunen. Boos stampte ze de ladder op, zodat de toren trilde bij iedere stap. ‘Wat is die man toch onuitstaanbaar’, dacht ze. Ze stond op het punt van ontploffen.

Marco gaf haar een meter of vijf voorsprong en begon de ladder toen ook te beklimmen. Sonja voelde de ladder bewegen door de stappen achter haar en ze merkte dat hij langzaam genoeg ging om niet dichterbij te komen. De afstand werd eerder groter. Boven aangekomen, klapte Sonja het luik dicht. Het scheelde niet veel of ze had hem geraakt.

Marco schrok zo van het geluid van het vallende luik dat hij op zich af zag komen dat hij bijna van de ladder viel. De voet die hij net op de volgende sport van de ladder wilde zetten, gleed weg. Hij moest zich met beide handen vastklemmen om niet te vallen. Hij was witheet en viel bijna letterlijk ‘met het luik in huis’.

‘Jij stomme trut! Ik had wel dood kunnen zijn!’ De rook kwam uit zijn oren toen hij naar de pantry beende, waar Sonja inmiddels de kraan had opengedraaid om haar handen te wassen. Toen hij bij haar was, pakte hij haar kin en draaide haar gezicht naar zich toe. Zijn donkere ogen fixeerden de hare.

‘Het luik viel uit mijn handen. Het was een ongeluk’, loog Sonja. Tartend beantwoordde ze zijn blik. Marco wist dat ze loog, maar met een schok liet hij haar los en deed een stap terug. Als hij voet bij stuk zou houden en haar nu zou aanpakken, dan zou hij de controle verliezen. De adrenaline kolkte nog door zijn aderen.


Hij stond een meter bij haar vandaan, zodat ze opgesloten was tussen hem en het aanrecht. De nabijheid zorgde ervoor dat ze oogcontact met hem hield. Sonja was onder de indruk van hoeveel groter hij was dan zij. Opwinding maakte zich van haar meester toen ze eraan dacht wat zijn volgende stap zou kunnen zijn. Ze voelde zijn boosheid. Haar mond werd droog.

‘Als je ooit nog iets uithaalt wat hier op lijkt dan zal ik je billen zo onder handen nemen dat je vergeten bent hoe je moet zitten tegen de tijd dat je dat weer kunt’. Zijn stem trilde van woede.

Sonja huiverde terwijl een energiestroom door haar huid ging. Het was een mix van angst en voorgevoel. Het enige antwoord wat ze kon bedenken was het ophalen van haar schouders en haar ogen neerslaan, terwijl ze het bloed naar haar wangen voelde stromen.

Marco bleef nog een paar seconden zo staan en draaide zich om. Hij voelde dat er iets tussen hen veranderde. Zijn gevoel zei hem dat dit positief was. Hij liep met de papieren en het logboek naar de werkruimte.

Sonja bleef nog een poos naar hem kijken. Ze was tegelijkertijd opgelucht dat hij weggelopen was en verward door haar gevoelens. Zijn allesoverheersende en dreigende aanwezigheid had haar seksueel opgewonden. Ondanks dat hij haar razend kon maken, ging ze hem steeds meer waarderen. Het was erg gezellig geweest toen ze vanmiddag onder de wandeling samen hadden gepraat.

Marco had moeite om zich op het logboek te concentreren. Hij was bezig met de geluiden van haar gerommel in de pantry en met zijn langzaam wegzakkende boosheid.

Een kwartier later riep Sonja dat het eten klaar was. Marco stond op en liep naar de tafel. Sonja had borden neergezet, twee bekers melk en een schaal vol sandwiches. Ze stond bij het aanrecht en keek toe hoe Marco de tafel inspecteerde. Hij grijnsde en keek in haar richting. Ze hield haar gezicht nog even in de plooi maar toen brak ook bij haar een brede glimlach door. Ze pakte een schaal met salade en zette die in het midden van de tafel.

Ze gingen beiden zitten en schepten op. Marco vroeg haar naar de dagelijkse routine en Sonja vertelde hoe Paul en zij één en ander geregeld hadden. Zij aten altijd een uitgebreid ontbijt en zetten ’s middags en ’s avonds op tafel wat er toevallig voor handen was. Ze stonden bij het ochtendkrieken op en gingen met zonsondergang weer naar bed.

Aanvankelijk hadden ze al het werk in de toren en op de heide gezamenlijk gedaan. Maar toen ze eenmaal het overzicht over het werk gekregen hadden waren ze begonnen een scheiding te maken in het werk op de toren en het veldwerk. Doordat te doen hoefden ze in ieder geval niet de hele dag ladder op, ladder af te klimmen.

Marco luisterde naar Sonja zonder haar te onderbreken. Hij was geïnteresseerd hoe die twee het allemaal geregeld hadden. Hij was een beetje bezorgd of de onervaren jongelui het wel konden redden als ze veldwerk verrichten. Toen Sonja het hele verhaal had verteld was hij er echter van overtuigd dat hij nergens over in hoefde te zitten.

‘Ik ben niet erg gecharmeerd van de gedachte om de taken zo te scheiden, maar verder vind ik jullie werkwijze goed’, zei Marco.

Sonja voelde een golf van ergernis door zich heen gaan toen hij dit zei. Waarom moest hij ieder compliment met kritiek gepaard laten gaan. Ze begreep ook niet waarom ze de taken niet zouden kunnen scheiden. Ze moest zich inhouden om hem niet een sneer terug te geven. Toch kon ze het niet nalaten eens diep te zuchten, hem een vernietigende blik toe te werpen, haar stoel hard naar achteren te schuiven en luidruchtig de tafel af te ruimen.

Marco keek toe, Verward, geamuseerd en geërgerd tegelijkertijd. Wat was er nu weer aan de hand? Ze hadden toch een uiterst onderhoudende en aangename conversatie. Het waren momenten waarop hij erg genoot van haar aanwezigheid. Maar mijn god, wat kon ze aangebrand reageren. Zij hand begon te jeuken toen hij dacht hoe hij zo’n bui tot stoppen kon brengen. Het probleem was nu dat hij geen idee had wat haar deze keer overstuur had gemaakt. Als hij dat nu zou doen dan zou alles er waarschijnlijk weer verwarrend van worden. Hij hield het maar op dat zij dingen achter zijn woorden had gezocht, die hij helemaal niet bedoeld had. Toen hij probeerde alles nog eens terug te halen, kon hij zich echter niet eens herinneren wat hij allemaal gezegd had.

Die avond wisselenden gezellige en onderhouden momenten zich af met gespannen ogenblikken. Tot slot hadden ze samen geruime tijd zwijgend op de veranda gezeten.


***********

De volgende ochtend begon goed. Marco was het eerst wakker. Hij maakte het ontbijt. Yoghurt met muesli en noten en rozijnen, koffie en sandwiches. Sonja stond ook op en in de tijd dat hij het ontbijt maakte, waste ze zich en kleedde zich aan. De plekken van de liniaal deden geen pijn meer, maar de randjes hadden nu een diep roodblauwe kleur. Ze zuchtte bij het idee dat ze een lange broek zou moeten dragen. Ondanks dat het nog vroeg was, was het voelbaar dat het een warme dag zou worden.


Marco herkende echter de voortekenen dat het weer zou gaan omslaan. De drukkende warmte was een voorteken van storm en onweer. Er was een lage drukgebied op komst. Het zou gaan regenen, hard waaien en onweren.

De taken die ze die ochtend moesten verrichten deden ze gescheiden van elkaar. Ze moesten vandaag het hele gebied inspecteren. Voor vertrek had Sonja een lunchpakket in haar rugzakje gedaan. Ze was van plan om bij de ven even te pauzeren en te gaan zwemmen. Ze zei maar niets van deze plannen tegen Marco.

Toen ze alle spullen bij elkaar zochten die ze nodig hadden voor het verzamelen van nieuwe monsters, zei Marco dat ze elkaar tussen de middag weer bij de toren zouden treffen. Sonja was in de werkplaats waar hij haar niet kon zien. Ze voelde een enorme woede in zich opkomen. Ze kon een kreet van woede maar net onderdrukken maar ze smeet één van de kokers die ze zou inpakken met een knal tegen de muur.


Marco hoorde de knal en riep van buiten, ‘gaat alles goed, daar?’

Sonja beet op haar tanden en onderdrukte een scheldkanonnade omdat hij haar mooie plannetje doorkruiste. Ze antwoordde kort, ‘het is OK, hoor, ik liet alleen wat vallen’.

Toen ze alles had ingepakt stapte ze naar buiten. Terwijl ze Marco passeerde zei ze, ‘als ik niet op tijd ben, wacht dan niet op me, maar ga gewoon eten’.

‘Nee hoor, ik zal op je wachten. Je bent gewoon terug om half één’. Marco voelde haar weerstand.

‘Wanneer ik klaar ben ik er, anders niet’, riep Sonja over haar schouder zonder om te kijken.

‘Het is een opdracht, geen vraag! Als ik jou was, zou ik doen wat je gezegd is!, riep Marco haar achterna.

De ochtend verstreek. De luchtvochtigheid nam steeds verder toe. Sonja was al helemaal doorweekt van het zweet voordat het 9:00 uur was. Op de eerste tussenstap waar ze monsters moest verzamelen, ging ze even zitten en dacht na over het dreigement van Marco.

‘Ja, ik weet wat er gebeurt als ik niet op tijd terugben’, zei ze hardop tegen zichzelf. In haar gedachten maakte ze knallende ruzie met Marco over de vraag of ze op tijd terug moest zijn bij de toren of dat ze nog even lekker zou gaan zwemmen. De man was zelfs in staat om haar kwaad te maken als hij zeven kilometer weg was, helemaal aan de andere kant van de toren.

Tegen een uur of elf voelde Sonja zich vies en plakkerig. Ze twijfelde niet meer of ze zou gaan zwemmen of dat ze terug zou keren naar de toren. Ze ging niet terug. Ze zou gaan zwemmen. Ze vroeg zich af wat hij zou gaan doen. De gedachte aan een nieuw pak op haar bips, brachten kriebels en opwinding te weeg. Ze verdrong echter deze gedachte en zei tegen zichzelf dat Marco het wel zou snappen als ze zou uitleggen waarom ze zo laat was. Toch bleef de gedachte steeds terugkomen. Zeker toen de ochtend overging in de middag. De opwinding gaf haar een aangename sensatie in haar kruis.

Natuurlijk zou de werkelijkheid nog leuker zijn. De seksuele opwinding bracht een zelfingenomen grijns op haar gezicht. Ze probeerde zich voor te stellen hoe hij zou regeren als ze hem de waarheid zou vertellen. De uitdrukking op zijn gezicht die ze zich voorstelde was grappig, maar had ook een ontnuchterende werking. Het was geen verklaring waar hij genoegen mee zou nemen. Maar wat moest ze dan zeggen? Ze kon hem vertellen dat ze verdwaald was of dat haar horloge stil was blijven staan.

De duik in het vennetje werkte verfrissend. Het koele voorjaarswater was een weldaad op haar huis. En de warme buitenlucht zou haar snel opdrogen. Ze had zich tot op haar ondergoed uitgekleed voor ze het water in was gegaan en lag nu op haar rug op de kant om te drogen. Ze voelde zich loom en de totale stilte was aangenaam. In de lucht was veel beweging. Vogels tjilpten niet alleen, maar klapten met hun vleugels. Bijen en andere insecten zoemden. Het was tegelijkertijd lawaaierig en vredig stil.

In de wijde omtrek was maar één andere persoon. Voor Sonja voelde dit aan als een voorrecht. Langzaam raakte ze gehypnotiseerd door het aanhoudende gezoem. Liet veel later viel ze in slaap.

Het was al twee uur in de middag toen ze wakker werd van het rommelende geluid van onweer.

’Kut!’ Ze vloog overeind en keek op haar horloge. Haar maag trok van angst samen. Nu zou ze wel met een verdomd goed verhaal op de proppen moeten komen. Er was nu geen tijd meer om de rest van de monsters te nemen. Het was met onweer gevaarlijk op het open terrein.

Sonja vervloekte zichzelf en begon in de richting van de toren te rennen. Er waren nog geen donderwolken. Wel was er inmiddels een krachtige wind opgestoken. En onweer wat nu nog ver weg was kon in een ommezien bij haar zijn.

Marco zat bovenin de toren. Hij had verbinding met de satelliet gezocht en keek naar de plaatjes op de radar die de onweersgrens markeerden. Het was nog een kilometer of twaalf van hen verwijderd. Hij schatte dat het in een tijdsbestek van drie kwartier recht boven hen zou hangen. Voor zover hij kon beoordelen viel er nagenoeg geen regen, maar was een intens onweer. Droog onweer werd altijd flink gevreesd door de boswachters. De botsing tussen de warme en koude lucht zorgde voor veel wrijving en elektrische spanning. Marco hoopte vurig dat het vochtigheidsgehalte van bijna honderd procent toch voor een flinke bui zou zorgen.

Marco voelde de toren schudden toen Sonja naar boven klom. Ze was eerst nog een kwartier in de werkplaats geweest om de monsters die ze die ochtend genomen had te prepareren. Het wolkenfront was nog steeds niet zichtbaar toen ze het luik binnenklom. Sonja voelde dat het inmiddels erg benauwd geworden was.

Toen Sonja eenmaal binnen was, stond Marco achter haar. Zijn armen over elkaar. Sonja besloot dat ze geen verhaal op zou dissen als hij ernaar zou vragen, maar gewoon de waarheid te vertellen. Ze liep bij hem weg en ging naar de computer.

‘Heb je hier een verklaring voor?’ vroeg Marco. Zijn intonatie zorgde ervoor dat bij Sonja haar nekharen overeind gingen staan. Ze kon zijn boosheid voelen.

‘Ik heb in de ven gezwommen. Ik was helemaal plakkerig van het werk’, antwoordde Sonja zonder zich naar hem om te draaien.

‘Ik dacht anders dat ik heel duidelijk was geweest in wat ik zei’, zei Marco. Zijn stem werd luider en zijn gezicht verstrakte. Ze deed niet eens moeite om met een goed verhaal te komen, het was pure anarchie. Het liefst zou hij door elkaar rammelen. In plaats daarvan zou hij haar een flink pak op haar billen geven. ‘Heb je de monsters geprepareerd?’, vroeg hij.

‘Ja, die staan al op kweek. Ze zullen over een kwartier wel klaar zijn’, antwoordde ze en liep naar de pantry om haar handen te wassen.

‘Dan hebben we niet voldoende tijd meer om de resultaten door te zenden voor het onweer hier is’, bitste Marco haar toe. Sonja draaide zich naar hem om. Ze voelde het gevaar wat in stem doorklonk. Een gevoel wat versterkt werd door zijn dreigende houding. Langzaam drong de werkelijkheid tot haar door. Angst en opwinding maakten zich van haar meester.

Marco bewoog niet. Hij keek alleen maar naar haar. Sonja wachtte tot hij iets zou gaan zeggen. Ze vroeg zich af hoe hij het zou brengen. Ze twijfelde er niet aan wat hij zou gaan doen, maar vooralsnog bleef het in de lucht hangen. Het dreigement: ‘de volgende keer haal ik de broek van je billen…’, spookte door haar hoofd. Het zorgde voor een nog grotere spanning.

Eindelijk doorbrak Marco de stilte. ‘Wat zou er gebeuren als je weer een order zou negeren?’

Sonja wist dondersgoed wat er allemaal gezegd was de vorige dag. Maar ze zou dat niet hardop herhalen. Ze haalde alleen maar haar schouders op.

‘Was ik niet duidelijk”, vroeg hij minzaam.

Zijn ingetogenheid deed de boosheid bij Sonja oplaaien. Ze voelde hoe ze zich hieraan ging overgeven. Zonder verder nadenken kwamen de woorden tevoorschijn, ‘Fris mijn geheugen maar eens op!’ Ze was verbaasd over haar eigen woorden. De verbazing stond op haar gezicht te lezen. De verbazing maakte echter plaats voor angst, toen ze Marco naar het bureau zag lopen en de liniaal oppakte.

‘Dat zal ik met genoegen doen!’, siste hij. In twee grote passen was hij op de plaats waar Sonja gestaan had. Maar Sonja was inmiddels buiten handbereik. Ze was aan de andere kant van de tafel gaan staan. Ze kon eigenlijk nergens naar toe, maar ze zou zich in geen geval zomaar overgeven.

Marco liep om de tafel heen, maar Sonja zorgde er voor buiten zijn bereik te blijven. Ze zag zijn behendige bewegingen. Het leek wel op een schaakspel. Maar ze wist ook dat ze nergens heen kon en dat Marco haar uiteindelijk te pakken zou krijgen. Toen hij uiteindelijk bij haar arm greep, voerde hij haar mee naar de tafel. Hij trok zijn stoel eronder vandaan. 

‘Daar gaat ie dan weer’, zei Marco terwijl hij haar voorover over zijn knie trok. Hij hield haar linkerhand stevig vast, nam de liniaal tussen zijn tanden en taste onder haar om de knoop van haar spijkerbroek los te maken.

‘Nee!”, gilde Sonja. En ze begon als een bezetene te stribbelen. Maar hij had geen moeite om haar onder controle te houden en had in enkele seconden de knoop en de rits van haar broek open. Hij haakte zijn hand in haar broeksband en begon hem omlaag te trekken. Haar onderbroek gleed samen met de spijkerbroek van haar billen.

De liniaal knalde op haar blote bips en liet een felle streep van pijn na.

‘Oh KUT! Niet doen!’, schreeuwde ze. Zelfs de klappen die ze gisteren op haar benen had gehad, deden niet zo zeer als nu. Sonja voelde de paniek in zich opkomen en probeerde uit alle kracht van zijn schoot te komen. Marco was in staat de liniaal nog drie keer neer te laten komen voor hij moest stoppen omdat hij beide handen nodig had om haar op haar plaats te houden.

‘Doe een beetje rustig, hoor je me! Je hebt er om gevraagd en nu zul je het krijgen ook!’, zei hij. De moeite om haar onder controle te houden was in zijn stem terug te horen. Sonja hield niet op met tegenstribbelen, maar Marco verstevigde zijn greep door met zijn linkerhand haar rechterpols te pakken en haar arm op haar rug te dwingen. Zodra hij haar onder controle had, ging hij verder met slaan.

Sonja schreeuwde het uit bij iedere klap. Ze kon bijna niet geloven dat dit veel meer pijn deed dan de vorige keer. Ze had nauwelijks in de gaten dat haar billen bloot waren deze keer. Ze was helemaal geobsedeerd door het brandende gevoel in haar bips. Ze dacht dat het nooit op zou houden en de paniek overviel haar.

Marco sloeg hard. De liniaal trok brede banen op haar bips, die al snel samensmolten tot één rode oppervlakte op haar billen en dijen. Geconcentreerd maakte hij het hele gebied boven haar spijkerbroek kersenrood.

Na een paar minuten kon Sonja haar tranen niet langer onder controle houden. Ze probeerde ze in te houden, maar de pijn was zo intens, dat er iets in haar knapte. Ze voelde de vastberadenheid van Marco. Hij zou deze keer niet stoppen voor hij haar tot overgave had gedwongen en ze oprecht spijt had. Ze ontdekte dat ze niets liever deed dan zich aan hem overgeven. Ze was teleurgesteld in zichzelf dat ze hem zo kwaad gemaakt had en zich zo arrogant gedragen had. Iets in haar wou het hem plots naar de zin maken.

’Stop asjeblieft’, gilde ze. Al haar verzet bundelde zich in een poging zich tot het bittere eind groot te houden.

‘Wanneer- ik – klaar – met – je – ben. – En – deze – keer – zal – ik – er – voor – zorgen – dat – je – het – ondubbelzinnig – begrijpt.’, antwoordde Marco. De cadans van de neerdalende klappen ging omlaag toen de liniaal bij ieder woord hard op haar bips kletste.

De kreten van Sonja veranderden in zacht gejammer en gesnik. Haar spieren gaven hun verzet op, trokken alleen nog samen bij iedere neerkomende klap. Marco voelde dat het eind naderde. Hij hoorde het verschil in geluidjes. Hij wist dat hij bijna klaar was.

Hij liet de liniaal nog een keer of tien neerkomen en hield toen op. Hij hield haar stevig beet en luisterde naar haar snikken. Toen hij dacht dat ze weer zou kunnen praten, nam hij het woord.

‘Zul je voortaan doen wat ik je opdraag?’, vroeg hij.

Sonja knikte.

‘Laat horen’, vroeg hij.

‘Ik zal doen wat je van me vraagt’, snikte Sonja.

‘Niet meer constant tegenspreken?’, vroeg Marco. Scepsis klonk door in zijn stem.

‘Nee, dat zal ik niet meer doen’, snikte Sonja. Ze gaf antwoord op zijn vraag en tegelijkertijd smeekte ze hem om op te houden.

Marco knikte. ‘Goed, laten we die overeenkomst maar bezegelen’. Hij hief de liniaal en liet hem 20 keer achter elkaar hard op haar blote bips neerkomen. Het hernieuwde vuur deed Sonja’s verzet weer oplaaien en het pak slaag eindigde met oplaaiende boosheid en hels brandende billen.

Marco liet de tegenstribbelende helleveeg plotseling los en moest lachen toen ze van zijn schoot afrolde en op haar billen op de vloer landde. Sonja slaakte een kreet en draaide zich direct op haar buik. Ze deed haar handen naar achteren en legde ze op haar billen.

Een luide klap van het onweer deed Marco opkijken. Het onweer kwam steeds dichterbij. Hij stond op en liep naar de computertafel. De radar liet grote rode vlekken zien. Er was regen onderweg. Marco hoopte dat de regen er eerder zou zijn dan het onweer. Bij droog onweer zou het gevaar bestaan op heidebrand.

‘Pak de verrekijker en houdt de omgeving in de gaten, het gaat zo beginnen’, zei Marco tegen Sonja.

Ze stond op, en trok een grimas toen ze haar spijkerbroek over haar billen omhoog trok. De tranen liepen nog steeds over haar wangen en haar adem schokte nog van het snikken. Ze pakte de verrekijker en het logboek en zette zich aan het werk.

Marco maakte radiocontact met de centrale. Hij gaf de rapporten van een aantal zones door en zei dat deze door omstandigheden vandaag niet compleet waren. Sonja voelde een golf van teleurstelling door zich heen gaan. Ze realiseerde zich dat ze door haar eigengereidheid haar werk niet af had gekregen.


De wind wakkerde verder aan en rukte aan de toren. Niet lang daarna daalde er een deken van regen neer. Er waren onafgebroken lichtflitsen en er klonken harde onweersklappen. Het was oorverdovend.

Na een paar minuten was het ergste voorbij. Maar ze konden de toppen van de bomen nog steeds niet zien als ze uit de ramen keken. Sonja ging zitten, maar schoot meteen weer overeind. De pijn die door haar billen schoot brachten de emotie terug van het moment voordat de weersomstandigheden hun aandacht had opgeëist. Ze begon te huilen.

Marco keek naar haar. Instinctief liep hij naar haar toe, deed zijn armen om haar heen en drukte haar tegen zich aan. Zo zou het moeten zijn. Ze wist in haar hart dat dit was zoals het zou moeten zijn. Het was OK om zich zo over te geven. Hij verwachtte het van haar.

De storm hield nog een uur aan. En toen die was gaan liggen, was de lucht weer helder. Marco en Sonja speurden met verrekijkers de heide af om te zien of er ergens misschien beginnende brandjes waren.

Geef een antwoord