Sarah kwam de kantine inlopen toen Lana net klaar was met het corrigeren van de notitie. ‘Dr. Hayes heeft me opgedragen pizza’s voor het personeel te bestellen’, zei ze, terwijl ze de telefoon oppakte.

‘Elaine en ik gaan buiten de deur eten’, antwoordde Lana, maar Sarah was al in gesprek met de pizzeria die zich verderop in de straat bevond. Elaine kwam binnen en hoorde Sarah twaalf verschillende grote pizza’s bestellen.

‘Wie trakteert er?’, vroeg ze.

‘Het ijskonijn’, antwoordde Lana en trok een grimas.

‘Oh, is dat zo? Nou ja, kom mee, Lana, wij gaan’. Elaine pakte en haar jas en Lana stond op om haar voorbeeld te volgen.

Sarah legde de telefoon neer en maakte driftige armgebaren. ‘Wacht even, Lana’, riep ze met een benepen  stemmetje. ‘Dr. Hayes heeft gezegd dat iedereen hier at’.

‘Is dat zo?’, antwoordde Elaine met een opgetrokken wenkbrauw.

Cora kwam binnenlopen en vertelde dat dr. Hayes iedereen in de kantine wilde zodra de laatste twee patiënten vertrokken waren. Met een diepe zucht gingen Elaine en Lana zitten, hun jassen op hun schoot.

*****

Dr. Hayes kwam de drukke kantine inlopen, liep naar voren, wachtte even en schraapte zijn keel. Lana hield op met grimassereen toen hij haar aankeek. Ze ging meteen rechtop zitten.

‘Ik wil jullie even laten weten dat ik respect heb voor jullie harde werken van vanmorgen. De ochtend kende een valse start, maar jullie hebben je goed hersteld en alle patiënten hebben de behandeling gehad waar ze recht op hebben. Ik heb wat te eten besteld, dus ik hoop dat jullie allemaal blijven eten’.

Hij liet een kleine stilte vallen en keek de kantine rond. ‘Ik heb de indruk dat jullie allemaal nog een beetje van je stuk zijn door een gebeurtenis die gister heeft plaatsgevonden. Het is goed mogelijk dat wat jullie gehoord hebben niet overeenkomstig de feiten is, maar ik kan hier verder niet over uitweiden zonder de privacy van iemand te schenden. Ik wil jullie alleen maar laten weten dat de huisregels van de kliniek gevolgd zijn en dat dit nog tamelijk soepel gebeurd is’. Zijn woorden verrasten Lana, maar ze bleef met een neutrale blik voor zich uit kijken.

‘Dat is alles wat ik hierover kan zeggen en ik hoop dat jullie allemaal in staat zullen zijn hier een streep onder te zetten en gewoon de draad weer op zullen pakken’. Hij draaide zich om en je kon een speld horen vallen toen hij de kantine uitliep, de hal door naar zijn kamer.

Lana stond op en deed de deur dicht, waarmee de stilte doorbroken werd. Iedereen begon tegelijkertijd te praten en het was een kakofonie van geluid. Ze deed haar jas aan en bleef even staan wachten tot Elaine ook op zou staan. Elaine was echter in druk gesprek. Ze had een hoogrode kleur en een opgewonden gezichtsuitdrukking. Lana tikte haar op de schouder.

‘Ben je klaar?’

Elaine keek op met een vragende blik. Het was duidelijk dat ze al weer vergeten was dat ze afgesproken hadden buiten de deur te eten.

‘Oh’, zei ze toen ze zich het langzaam weer kon herinneren. ‘Het spijt me, Lana!’ Ze pakte haar jas beet, maar was alweer in druk gesprek met Cora.

‘Als je het niet erg vindt, Elaine, ga ik nu naar huis’. Lana boog zich naar haar vriendin toe zodat ze haar zou kunnen horen. ‘We gaan maandag wel samen uit eten, OK?’

Elaine gaf haar een brede grijns en knikte, ‘OK! Een goed weekend verder!’

‘Jij ook’, glimlachte Lana en glipte door de deur. Ze slaakte een zucht van opluchting toen ze de deur achter zich dicht deed en door de hal liep.

De toespraak van dr. Hayes was niet oprecht en ingestudeerd op haar overgekomen, maar hij had de meerderheid duidelijk op zijn hand. Op dit moment wou Lana het allemaal het liefst vergeten zoals hij ook voorgesteld had. Maar de gedachte alleen al om te doen wat hij zei maakte haar opstandig.

Ze liep naar zijn kantoor. De deur stond open en hij zat achter zijn bureau te schrijven. Toen ze hem dichter naderde ging haar hartslag omhoog. Ze trok haar wenkbrauwen op en vroeg zich af welk gevoel deze bijzondere reactie veroorzaakte. Was ze bang voor hem? Zenuwachtig? Opgewonden? Ze voelde een sterke neiging om er vandoor te gaan zonder hem dat te laten weten en bleef stil staan. Nee, nu niet al te impulsief doen, hield ze zichzelf voor. Dat zou het domste zijn wat ze zou kunnen doen. Niet doen!

Ze haalde diep adem en deed een paar stappen naar voren en zei, ‘Ik ga naar huis, dr. Hayes. Ik denk dat het overige personeel zich wel zal redden met de patiënten van vanmiddag’. Hij keek op en gebaarde haar verder te komen. ‘Verdomme!’  Met tegenzin voldeed ze aan zijn verzoek en bleef in de deuropening staan. Hij glimlachte en tot haar grote ergernis sloeg haar hart weer op hol.

‘Ik heb er geen bezwaar tegen dat je nu naar huis gaat. Nogmaals bedankt dat je wou komen om ons uit de brand te helpen’.

Lana slikte, knikte en draaide zich om.

‘Lana?’ Ze deed een stap en bleef vervolgens staan, haar gezicht nog steeds naar de hal.

‘Is er iets? Je lijkt ergens mee te zitten’.

Visioenen van een zieke, stervende Ron schoten in haar hoofd bij het horen van deze woorden, maar ze kneep haar ogen dicht en antwoordde, ‘Nee, het gaat prima, ik wil gewoon graag naar huis’. Ze liep verder, maar hield haar pas weer in toen hij weer wat zei.

‘Ik wil heel graag dat je me verteld wat er aan de hand is’, ging hij verder, alsof zij helemaal niet gezegd had dat het wel goed ging.

Hoe wist hij het? Lana draaide zich weer om. Haar ogen gleden als eerste naar zijn handen, die ineengevouwen voor hem op het bureau lagen, vervolgens naar de zijden kobaltblauwe stropdas die fel afstak tegen zijn witte overhemd en zijn laboratoriumjas. Een snelle blik op zijn groene ogen zorgde ervoor dat ze haar blik op de vloer richtte.

‘Ik ben…ik ben moe…en ik heb…gisteravond slecht nieuws gehoord…’ Lana draaide zich weer om en voelde de tranen opwellen. Ze durfde niet met haar ogen te knipperen omdat ze bang was dat ze dan zouden rollen en dat hij ze zou zien. ‘Ik wil naar huis…Alstublieft…’

‘Ok. Het spijt me. Maar geloof me of niet, ik kan heel goed luisteren. Als je wilt praten, dan zal ik er voor je zijn’. Hij klonk heel oprecht en ze voelde heel sterk de behoefte om een potje te huilen en in zijn armen getroost te worden.

Het beeld dat het ijskonijn haar in zijn armen hield bracht haar weer terug in de realiteit.

‘Bedankt. Maar het gaat wel. Echt waar. Tot maandag’. Ze haastte zich de hal door voor hij de kans had nog wat te zeggen’.

X-O-X-o-x-o-X-O-X

Lana viel korte tijd nadat ze thuis gekomen was in slaap voor de televisie. Toen ze een paar uur later wakker werd en haar maag voelde knorren, bedacht ze dat ze sinds de vorige avond niets meer gegeten had. Toen ze op weg was naar de keuken ging de bel. Toen ze door het kijkgaatje keek, zag ze Ron staan. Ze deed de deur open en deed een stapje opzij om hem binnen te laten.

‘Dank je wel dat je me even binnen laat, Lana, ik was bang dat je me misschien niet meer zou willen zien’. Lana keek hem aan en strekte haar armen open naar hem uit. Hij omarmde haar en trok haar stevig tegen zich aan terwijl zij haar gezicht tegen zijn jas drukte.

‘Ik weet niet wat ik moet zeggen, Ron. Ik ben zo verdrietig, maar ik kan me niet half voorstellen hoe jij je wel niet moet voelen’.

‘Het spijt me dat ik het niet eerder gezegd heb, Lana, ik denk dat ik me nog een poosje een gewone jongen wilde voelen’. Hij wreef over haar rug terwijl hij tegen haar sprak. Lana pakte zijn hand en trok hem mee naar de bank.

‘Ik ben blij dat je niet bang bent om me aan te raken’, zei hij. ‘Je bent de eerste persoon die dat sinds lange tijd doet’.

‘Het is goed, Ron’, zuchtte ze. ‘Je weet dat ik mijn patiënten leer dat alleen het in contact komen met lichaamsvloeistoffen gevaarlijk is en ik geloof zelf heilig in wat ik daar vertel’. Ze schurkte dichter tegen hem aan.

‘Je zult wel willen weten hoe ik deze ziekte opgelopen heb, of niet?’

‘Je mag het me best vertellen, maar ik vind het niet echt belangrijk’.

‘Ik vind het wel belangrijk. Ik heb nog nooit drugs gebruikt en heb ook nog nooit onbeschermde seks gehad. Zeven jaar geleden heb ik een auto-ongeluk gehad en moest ik een bloedtransfusie hebben. Je weet dat ik niet al te snel naar een dokter loop. Maar toen ik vorig jaar een levensverzekering wilde afsluiten moest ik een medische keuring ondergaan. Ik was er ondersteboven van toen de labuitslagen aantoonden dat ik HIV positief was’.

‘Sta je al onder behandeling?’

‘Ja. Ik ben bij een viroloog geweest. Godzijdank had in een goede ziektekostenverzekering toen ik gediagnosticeerd ben dus alle kosten worden betaald. Ik slik AZT en daarnaast nog zo’n 40 andere pillen per dag. Hoe dan ook, toen ik hoorde dat ik HIV geïnfecteerd was ben ik opgehouden met de vrouwen. Ik heb mijn ex-vriendin op de hoogte gebracht. Gelukkig is zij tot dusver niet positief getest’.

Lana ging rechtop zitten en keek hem aan. ‘Dan is ze goed als zeker veilig nu, als het al een jaar geleden is. Over het algemeen laat je na een paar weken tot een halfjaar na besmetting een positief testresultaat zien’.  

Ron knikte. ‘Ik denk dat ik zo langzamerhand wel bijna evenveel van deze vermaledijde ziekte afweet, als jij’, zei hij met een schaapachtig lachje.

‘Waarom ben je op mij gevallen?’ Lana voelde hem verstrakken.

‘Toen ik je voor het eerst ontmoette, was het net alsof de zon door de donkere wolken heen brak. Ik weet dat het wat afgezaagd klinkt, maar ik zat echt heel erg in de put en toen jij voorbij kwam met je prachtige glimlach, wilde ik je heel graag weer zien. Daarnaast ben je een verpleegster in een specialisatie die ehh…mijn belangstelling heeft. Ik heb mezelf nog voorgehouden dat het allemaal geen zin had, dat het niet eerlijk tegenover jou zou zijn, maar ik kon de verleiding niet weerstaan je mee uit te vragen. Ik heb mezelf daarna vaak voor mijn kop geslagen. Ik wilde je geen pijn doen’.

‘Nou dat heb je wel’, flapte Lana eruit. ‘Maar ik kan er wel mee leven. Ik wil je nog steeds, Ron. Ik wil nog steeds met je naar je koor en andere leuke dingen doen. Ik geniet ervan als je grapjes maakt en wil graag bij je in de buurt zijn’. Ze hoorde hem diep uitademen, alsof hij zijn adem ingehouden had.

‘Dank je wel, Lana. Ik ben blij dat het zo opvat. Eigenlijk verdien ik je helemaal niet, maar ik voel me zo gelukkig bij jou…’ Toen brak zijn stem en Lana hield zijn hand lange tijd vast zonder dat er wat gezegd werd.

*****

Een week later, waren de dingen op het werk weer zo goed als genormaliseerd. Iedereen scheen in een goede stemming te zijn, er werden grapjes gemaakt en er werd gelachen. Dr. Hayes was inmiddels redelijk geaccepteerd. Sandra was terug van haar schorsing en gedroeg zich alsof er niets aan de hand was. Alleen was Lana anders als anders, ze maakte zelden nog bijdehante opmerkingen en was meestal in zichzelf gekeerd. Elaine maakte zich zorgen over de sombere stemming van Lana en deed haar best met haar in gesprek te komen, maar Lana kwam niet verder dan nietszeggend antwoorden en ontkende dat er iets aan de hand was. Het enige positieve was dat Lana niet langer de spanning ten opzichte van dr. Hayes voelde, waar ze zich zorgen over gemaakt had.

Steven hing maandag rond lunchtijd tegen de muur van het gebouw. Lana zwaaide tegen hem, maar hij zwaaide niet terug. De volgende ochtend keek Lana de wachtkamer in en zag hem daar alleen in een hoekje zitten. Ze glimlachte tegen hem toen hij opkeek, maar hij richtte de blijk weer omlaag. Lana vertelde Sarah dat wanneer hij weer een nieuwe afspraak maakte, ze het haar moest laten weten.

Lana voelde zich daarna al weer een beetje beter. Ze zag patiënten, hield de dossiers bij, ontweek het ijskonijn en kletste wat met de andere verpleegsters. Uiteindelijk heeft ze onder een lunch alles over Ron aan Elaine verteld. Zoals ze verwacht had, reageerde haar vriendin erg begripvol.

Die middag vertelde Sarah haar dat de jongeman een afspraak gemaakt had voor de volgende woensdag en dat zijn naam Steven was. Lana was daar blij mee. Ze glimlachte tegen Cora en zei tegen Elaine dat haar rok te kort was. Ze groette zelfs het ijskonijn, die zijn wenkbrauw optrok en iets onverstaanbaars terug mompelde. Tegen de tijd dat het vrijdag was, was Lana weer bijna zichzelf. En maakte met iedereen weer grapjes, behalve met de directeur.

De dag van Stevens afspraak, zag Lana hem bij de hoofdingang dralen. Ze hoopte dat hij wel op zou komen dagen. Toen ze alle patiënten gezien had, besloot ze de voorraadkamer op te ruimen. Het was erg moeilijk geworden nog iets te vinden. Niemand voelde zich er verantwoordelijk voor het netjes te houden, en daarom deed niemand het. Dr. Hayes had tot dusver al heel veel dingen gereorganiseerd, maar dit had hij kennelijk nog over het hoofd gezien. Lana droeg armenvol dozen naar de tafel om ze daar uit te zoeken. Ze plakte labels op de schappen, herschikte het materiaal in een logische volgorde en deed vervolgens een stapje achteruit om het resultaat te bekijken.

‘Ziet er goed uit’, hoorde ze de dokter vanuit de hal zeggen. Ze rook de aangename geur van zijn aftershave. Ze voelde een huivering langs haar rug trekken en haar hart begon sneller te kloppen. Ze vervloekte zichzelf omdat ze dacht dat deze ongewilde reacties tot het verleden behoorden.

‘Bedankt’, antwoordde ze, zonder zich om te draaien. ‘Laten we hopen dat het zo een paar dagen blijft’. Lana bukte zich om de nu lege dozen op te stapelen.

‘Ik kan er wel bij’. Dr. Hayes stapte naar voren om te helpen. Lana kwam net overeind met een paar dozen toen hij zich bukte. De bovenste doos sloeg tegen zijn kin, waardoor ze allemaal door de lucht vlogen en Lana op haar billen viel.

‘Oh, het spijt me, Lana’. Hij stak zijn hand naar haar uit, maar ze krabbelde snel overeind en deed een stap achteruit en voelde haar wangen gloeien van schaamte. Hij keek haar aan terwijl hij over zijn kin wreef en ze moesten beiden glimlachen. De glimlach ging even later over in een daverende lach toen ze zich beiden bukten om de dozen op te rapen en ze bijna met hun hoofden tegen elkaar stootten.

‘Ik denk dat ik het maar aan u overlaat’, zei Lana en liep in de richting van de deur. Ze keek even met een bewonderende blik naar zijn achterste toen hij zich bukte om de dozen op te rapen; het was haar nog niet eerder opgevallen hoe stevig en gespierd zijn billen waren. Toen ze zich realiseerde naar wie ze zo verlekkerd zat te kijken, herpakte ze zichzelf, keek op haar horloge en zag dat het al bijna half drie was. De afspraak met Steven was om twee uur.

‘Verdomme’, mompelde ze, draaide zich om en liep haastig de kamer uit. Ze liep naar de balie en vroeg aan Sarah of Steven er al was. ‘Hij is er nog niet’, antwoordde Sarah. Lana haastte zich naar de kantine, greep haar jas en liep de voordeur uit.

X-O-X-o-x-o-X-O-X

Lana wachtte even en speurde de straat af op zoek naar de inmiddels bekende verschijning van Steven, maar hij was nergens te zien. Zonder zich twee keer te bedenken begon ze het trottoir af te lopen en keek in alle portieken en steegjes. ‘Verdomme’, foeterde ze tegen zichzelf. Waar kon hij uithangen? Hij had de hele ochtend in de buurt rondgehangen en was nu plotseling verdwenen? Ze had geen idee waar hij woonde, maar ze wist wel uit welke richting hij telkens kwam. Terwijl ze de straat afliep bekeek ze de gezichten van iedereen die ze tegenkwam. Ze liep het hele blok af, waardoor ze uiteindelijk weer in de buurt van de kliniek eindigde.

Toen kreeg ze hem in het oog. Hij bevond zich aan de overkant van de straat en ijsbeerde heen en weer terwijl hij af en toe een blik in de richting van de kliniek wierp. Toen hun blikken elkaar kruisten, verstrakten ze allebei en bleven elkaar enkele ogenblikken aanstaren. Toen draaide hij zich om en maakte zich uit de voeten, weg van haar en weg van de kliniek. Lana aarzelde geen moment en zette de achtervolging in. Op haar birkenstocks kon ze flink snelheid maken. Ze was al flink op hem ingelopen toen hij omkeek en haar in het vizier kreeg. Hij sloeg af, maar kwam erachter dat hij een doodlopende steeg inliep. Toen hij zich omdraaide kwam Lana de steeg in rennen.

Ze hield abrupt stil. ‘Wacht!’, riep ze naar adem happend. ‘Steven kom alsjeblieft met me mee naar de kliniek’.  Ze boog zich voorover en zette haar handen op haar knieën en probeerde op adem te komen.

‘Waarom?”, riep hij terug. Zijn bruine lokken vielen schuin over zijn gezicht en hij leek op James Dean toen hij zijn armen over elkaar deed en zijn benen een eindje uit elkaar zette. De achtervolging leek hem niet vermoeid te hebben.

‘Omdat je behandeling nodig hebt…anders ga je dood! Als je ons je laat helpen, zul je aanzienlijk langer leven. Jaren langer’. Lana kwam overeind. Ze ademde weer een stuk gemakkelijker.

‘Nou en? Ik ga toch dood, welke behandeling ik ook krijg.

‘Steven, er worden iedere dag weer nieuwe medicijnen uitgetest. Het kan zijn dat genezing morgen al mogelijk is. Ik wil niet dat het voor jou dan al te laat is’, legde Lana uit. ‘Kijk, je hebt al een afspraak gemaakt. Ik zou graag willen dat je deze nu ook na kwam’.

Steven bleef haar aanstaren en deed vervolgens een paar stappen in haar richting. Lana bleef staan waar ze stond met nog steeds een bezorgde gezichtsuitdrukking hoewel haar hartslag omhoog ging door de adrenaline. Ze realiseerde zich nu pas dat ze zich alleen in een steegje bevond met iemand die best een crimineel kon zijn en die haar gemakkelijk zou kunnen overmeesteren. Stomme idioot, hekelde ze zichzelf en probeerde de opkomende angst onder controle te houden. In haar hoofd ging ze de mogelijkheden na hoe ze zichzelf zou kunnen verdedigen.

Steven kwam  dichterbij en week pas op het laatste moment naar links uit om een botsing te vermijden. Lana bleef stokstijf staan tot hij gepasseerd was. Vervolgens slaakte ze een zucht van verlichting en draaide zich om, om hem achterna te kunnen gaan. Ze stapten de hoek om en stonden oog in oog met dr. Hayes die bij een broodjeskraam stond te wachten. Met een korte blik in haar richting schatte hij de situatie in en beende vervolgens weg in de richting van de kliniek. Lana bleef haar aandacht op Steven concentreren in plaats van zich af te vragen waarom het ijskonijn haar gevolgd was. Steven stak de straat over en bleef daar even op haar wachten. Ze glimlachte toen ze hem passeerde en hij schoot haar weer voorbij toen ze de deuren van de kliniek naderde. Steven greep naar de deurklink voordat zij erbij kon en hield de deur voor haar open.

‘Dames gaan voor’. De diepe en vriendelijke toon in zijn stem klonk geruststellend. Ze zou gelachen hebben als hij er niet zo bloedserieus bij gekeken had.

*****

Lana zat alweer aan het bureau van dr. Hayes. Het was eigenlijk al tijd om naar huis te gaan, maar hij had haar bij zich geroepen en las haar nu de les over het gevaar van het zonder gezelschap afstruinen van de straat.

Hij was haar gevolgd nadat Sarah hem had verteld dat ze er alleen op uit gegaan was, iets wat nog nooit iemand van het personeel ooit gewaagd had. Hij was zelfs getuige geweest van haar confrontatie met Steven in het steegje.

Hoewel ze een stoot adrenaline door haar aderen voelde stromen toen het ijskonijn haar binnenriep, luisterde ze maar met een half oor; ze was nog veel te opgetogen dat Steven binnengekomen was en had geluisterd naar wat ze te vertellen had. De jongeman had zelfs ter zake doende vragen gesteld omtrent de verschillende behandelingen en hij had een vervolgafspraak gemaakt voor de volgende week. Hij was beleefd geweest en had zich buitengewoon intelligent getoond. Lana vond het een doorslaand succes. Ze speelde met haar stethoscoop die op haar schoot lag terwijl haar gedachten weg dwaalden.

‘Luister je wel naar me, Lana?’, vroeg de dokter haar bars.

Ze keek op door zijn geïrriteerde toon. ‘Ja, dr. Hayes’. Ze glimlachte naar hem.

‘Ik geloof dat je niet gehoord hebt wat ik zei! Een glimlach is niet het juiste antwoord op wat ik je probeer duidelijk te maken!’

‘Ja, meneer’, haar glimlach verdween door zijn waarschuwende blik en ze perste haar lippen op elkaar. Hij keek haar meer perplex aan dan boos stelde ze tevreden vast, maar waar ze in werkelijkheid oog voor had, was de aanlokkelijke glimlach van Steven en de hoop in zijn ogen. ‘Vindt u het niet geweldig dat Steven al zo snel een eerste afspraak met ons gemaakt heeft?’, vroeg Lana terwijl ze bedachtzaam uit het raam keek.

‘Dat doet helemaal niet ter zake! Luister naar wat ik je zeg: Je hebt zonder toestemming de kliniek verlaten zonder dat je hier toestemming voor had, alleen en gevaarlijk! Misschien dat een schorsing hier op zijn plaats is?’

Teruggekeerd in de realiteit, zette Lana een zo onschuldig mogelijk gezicht op. ‘Maar dr. Hayes, ik heb mijn handelen volledig aangepast op de behoefte van de patiënt. Hij was niet van plan binnen te komen zonder dat hij hiertoe overgehaald werd’.

‘Noem je hem achterna jagen in steegjes overtuigen?’

Ze knikte langzaam en kon geen beter antwoord verzinnen en bleef zwijgen terwijl hij haar van achter haar bureau boos bleef aankijken. Toen ze ontwaakt was uit haar dagdroom vloog haar hartslag omhoog toen ze zag hoe hij met zijn vingers op de armleuning van zijn stoel trommelde. Het tikkende geluid van de vingers klonk keihard in de stilte van het kantoor. Zou hij haar echt schorsen? Zonder salaris? Was ze te ver gegaan? Zijn horloge begon te piepen ten teken dat het vijf uur was met steeds luider wordende piepjes. Ze keken er beide naar. ‘Piep, piep, piep, piep…’

‘U gaat zo toch niet opstijgen?’, merkte Lana droogjes op.

X-O-X-o-x-o-X-O-X

Hij barstte in lachen uit en liet Lana daarmee zo schrikken dat ze haar stethoscoop liet vallen. Ze boog zich voorover om hem op te rapen, glimlachte vervolgens naar de dokter en ging weer rechtop zitten, terwijl hij zijn best deed weer in de plooi te raken. Telkens opnieuw deed hij een poging om haar de les te lezen, maar telkens verschenen er lachrimpels bij zijn ogen en krulden zijn mondhoeken omhoog, waarna hij even kuchte en een nieuwe poging ondernam. Na verschillende pogingen slaagde hij er in een pseudostrenge waarschuwing dat ze nooit meer alleen de straat op mocht gaan, klinken, om vervolgens abrupt op te staan en het kantoor te verlaten.

Lana liep naar de kantine om haar jas te halen, nog steeds geschrokken dat het ijskonijn zo hard begon te lachen. Haar voetstappen echoden in de lege hal; ze was er van overtuigd geweest dat iedereen was gebleven om te luisteren wat er gebeurde, maar dit was kennelijk niet het geval. Ze bleef bij de achterdeur op de dokter staan wachten.

‘Ik dacht dat je al weg was’, zei hij.

‘Nee, ik loop nooit alleen over het parkeerterrein’, antwoordde ze en glimlachte hulpeloos toen ze zich realiseerde hoe ironisch dit moest klinken. Hij keek haar onderzoekend aan. ‘Ik bedoel, over het algemeen ben ik erg voorzichtig en besteed ik veel aandacht aan mijn veiligheid. Wat ik eerder vanmiddag deed, gebeurde in een impuls’, voegde ze er aan toe, terwijl ze wachtte toen hij de deur op slot deed.

‘Nou ja, ik hoop dan maar dat geen van de patiënten ooit de neiging heeft van een brug te springen waar jij bij bent’, antwoordde hij droogjes.

Lana gaf hem een brede grijns die haar mooie, gave en witte gebit toonde. Was er dan geen enkele zwakke plek aan hem te ontdekken?, vroeg ze zich af terwijl ze over de parkeerplaats liepen. Ze zou hem waarschijnlijk leuker vinden als hij lelijk en overbehaard zou zijn. Ja, zo kon ze zich hem beter voorstellen. Of nog beter, ze kon maar beter helemaal niet aan hem denken. Ze had de afgelopen nacht gedroomd dat hij minister van volksgezondheid geworden was en dat hij al haar collega verpleegkundigen op belangrijke posities benoemd had, maar met haar niet eens contact gezocht had. Toen ze wakker geworden was, had ze zich zo verschrikkelijk eenzaam gevoeld dat ze haar broer Karl om vijf uur ’s ochtends uit bed gebeld had. Maar hij had niet erg open voor haar gestaan. Vervolgens had ze Ron gebeld. Die had haar een uur lang aangehoord, die goedzak.

Lana stapte in haar auto en dr. Hayes wachtte tot ze haar motor gestart had, voor hij naar de zijne liep. Terwijl ze naar hem zwaaide maakte ze de veiligheidsriem vast en reed langzaam in de richting van de uitgang van het parkeerterrein.

Zo, die preek verliep in ieder geval een stuk beter dan de vorige keer, dacht ze bij zichzelf. Ze wachtte tot de straat vrij was en trok toen op om links aft e slaan. Vervolgens stak een hondje de weg over waardoor ze hard op de rem trapte.. Maar nog voor ze een zucht van verlichting kon slaken, werd ze naar voren gestoten en hoorde ze een luide klap achter zich.

Lana wreef over haar nek en draaide zich om, om te zien hoe dr. Hayes uit zijn Lexus stapte, die tegen haar achterbumper gebotst was. Oh, mijn God, dacht ze, dit kon niet waar zijn! Hij liep naar haar raampje.

‘Is alles goed met je?’, vroeg hij toen ze het raampje naar beneden draaide.

‘Ja, ik geloof het wel. Ik had gelukkig mijn riem om’.

‘Waarom stopte je in vredesnaam zo midden op de weg?’ Lana schrok terug, omdat hij behoorlijk hard tegen haar schreeuwde. ‘Hier waren toch geen patiënten in nood? Deed je het alleen maar om mijn auto in puin te jagen?’

Lana’s handen trilden van boosheid. Ze wierp hem een woedende blik toe, zette de auto op de handrem, rukte de veiligheidsriem los, duwde de deur open stapte uit.

‘Het was een hondje’, schreeuwde ze terug. ‘hij stak de straat over. Ik remde om hem niet te overrijden! En waarom reed u in vredesnaam zo dicht achter me dat u niet meer in staat was te stoppen?’ Lana balde haar vuisten samen.

‘HEE! Willen jullie twee als de sodemieter maken dat je in je auto komt om de weg vrij te maken?’, hoorde ze iemand schreeuwen. Aan beide kanten van de weg was al een kleine opstopping ontstaan. Met een kop als een biet stapte Lana in haar auto en probeerde een stukje vooruit te rijden, maar het ging niet, hun bumpers bleven achter elkaar haken.

Ze keek achterom en zag hoe dr. Hayes in zijn auto stapte. ‘Zet hem in de vrij!’, schreeuwde ze tegen hem en gaf een dot gas. Beide auto’s, die nog steeds aan elkaar vast zaten, zetten zich langzaam in beweging. Ik neem aan dat hem dit helemaal over de rooie haalt, dacht ze grijnzend, ondanks dat ze net bij een ongeluk betrokken geweest is. Ze reed de parkeerplaats op van de Quickfit op de hoek van de straat. Toen beide auto’s door een hobbel in de weg reden, hoorde ze een luid krassend geluid van metaal en werden de bumpers van elkaar gescheiden.

Lana zette de auto op de handrem, nadat ze even kort overwogen had om gewoon naar huis te rijden. Het ijskonijn stopte naast haar. Hij voerde een geanimeerd gesprek met zijn mobieltje. Lana zat woedend achterover in haar stoel. Ze kon niet geloven wat er daarnet gebeurd was. Ze wierp hem een boze blik toe, nog steeds gekwetst dat hij tegen haar geschreeuwd had. Niemand had het ooit in zijn hoofd gehaald om tegen haar te schreeuwen sinds de dag dat Karl dat gedaan had toen hij haar in de garage betrapt had op stiekem roken. Hij had haar laten weten dat als hij haar nog eens zou betrappen hij haar een flink pak slag met de riem zou geven. Ze was woedend geweest en had terug geschreeuwd, maar heeft nooit het lef gehad uit te testen of hij zijn woorden waar zou maken.

Lana zag hoe dr. Hayes zijn mobieltje in zijn jaszak liet glijden. Ze drong haar dagdromen naar de achtergrond, stapte uit de auto, gooide haar tasje op de motorkap en begon er in te rommelen op zoek naar haar autopapieren.

‘Kom, laten we dat in de auto doen’, zei dr. Hayes.

Lana keek hem even snel aan, maar bleef gewoon in haar tasje wroeten.

‘Lana!, het is koud buiten. Kom in de auto zitten, het is hier een stuk warmer!’ Ze negeerde hem. Aha! Uiteindelijk had ze de verzekeringspapieren gevonden. Vervolgens voelde ze hoe dr. Hayes haar stevig bij haar arm pakte en haar de auto in dwong. Ze wisselden een boze blik uit toen hij haar in de zachte leren stoel duwde en vervolgens de deur dicht sloeg.

‘Je bent met afstand het meest obstinate meisje wat ik ooit tegen gekomen ben!’, liet hij weten terwijl hij op de bestuurdersstoel ging zitten.

‘Je hebt het recht niet me te commanderen’, sputterde Lana tegen, ‘en wat bedoel je in vredesnaam met obstinaat?’

‘Ik heb helemaal niemand gecommandeerd. En wat ik met koppig bedoel, moet je zelf maar eens proberen te bedenken. Verder heb ik de politie gebeld om proces verbaal op te maken voor onze verzekeringsmaatschappijen. Om eerlijk te zijn heb ik geen idee wie hier aansprakelijk is’.

‘Nou ik wel! Je reed veel te dicht achter me! Wacht maar eens af wat de politie hierover zegt!’

Dr. Hayes schudde met zijn wijsvinger in haar richting. ‘Nu moet jij eens heel goed luisteren, jongedame, ik was niet eens in de buurt toen jij besloot als een bezetene op de rem te trappen!’

‘Houd daarmee op!’, Lana wierp een blik op zijn hand en moest zich beheersen deze niet weg te slaan. Ik ben je dochter niet, Adam! Dit slaat he-le-maal nergens op!’, schreeuwde ze.

‘Het zou anders heel goed zijn als er wel ergens op geslagen wordt’, mompelde hij, terwijl hij haar woedende blik in ontvangst nam.

Lana zag de spieren bij zijn slapen bewegen toen hij zijn tanden op elkaar beet. Ze draaide zich om naar de voorkant van de auto, deed haar armen over elkaar en staarde door het voorraam naar de stenen muur. Een paar tellen bleef het helemaal stil, waarin ze zich afvroeg waarom de kalmte waar ze normaal gesproken over beschikte, verdwenen was.

‘Gaan we nu staan pruilen?’,  zijn sarcastische ondertoon deed haar hart op hol slaan, maar ze reageerde niet.

‘Weet je’, zei hij bedachtzaam, ‘als je mijn dochter geweest was zou ik je over de knie leggen en je een ongenadig pak op je blote bips geven’.

Geef een antwoord