Waarschijnlijk was het karma. Ik was aan het uitstellen, dat wist ik ook wel.
Tegelijkertijd…
Misschien moet ik niet zo vaag beginnen. Geen verborgen betekenissen zoeken, waar die er niet zijn. Ik was dus aan het uitstellen.
Eigenlijk moest ik m’n scriptie schrijven, maar mijn brein wilde niet erg meewerken.
Dan bedacht ik weer dat ik daar iets moest doen.
Dan moest ik weer even wat te drinken halen.
Dan vond ik weer dat ik snel iets moest googelen voordat ik vergeten was wat ik wilde googelen.
Enzovoort, enzovoort.
Het is een slechte gewoonte, ik weet het. Net als nu. Jij merkt daar niks van maar ik ben net 20 minuten lang bezig geweest met
opzoeken van plaatjes van varkens met laarzen aan. Het is pathologisch.
En toen ging de bel. Eindelijk een oprecht excuus om niet aan het werk te hoeven. Ik struikelde zowat over mijn eigen voeten om bij
de deur te komen.
Daar stond een bijzondere verschijning. Een grote, donkere vrouw, zeker een kop groter dan ik, met een gigantische witte glimlach.
Of ik meer wilde leren weten over de waarheid…
Nou ja, op zich wel, maar ik had het gevoel dat het over Jezus ging. En dat klopte.
Eigenlijk niet, maar omdat ik niet geconfronteerd wilde worden met mijn eigen onkunde om woorden op een wit scherm te krijgen,
wilde ik dat wel. Bovendien was het best lekker weer en vond ik het helemaal niet erg om zo in de deuropening te staan.
Ik lette niet echt op. Ik vond het vooral leuk haar zo enthousiast te horen vertellen, met haar bijzondere zangerige accent, waarover
maakte eigenlijk niet zoveel uit. Ze was een bijzondere verschijning. De hoed die ze droeg leek echt met een tijdmachine op haar
hoofd terecht te zijn gekomen en haar jurk leek afkomstig van een andere wereld. Ik vond het moeilijk in te schatten hoe oud ze was,
maar dat was sowieso een gave die aan me voorbij was gegaan.
En toen ineens had ik een boekje in mijn hand, een compliment voor een fijn gesprek en de belofte dat ze snel nog een keer langs zou
komen.
Drie dagen later was ik nog niet veel verder, ik had wel een heel stuk geschreven, maar daarna ook weer in een gefrustreerde bui
gewist. Het was allemaal niks.
En toen stond ze weer voor de deur. Dit keer regende het, dus nodigde ik haar uit binnen even te komen opwarmen.
Ik ging net aan mijn zoveelste bak koffie en vroeg of ze er ook een wilde. Ze mocht geen cafeïne, zei ze. Ik vroeg me af of dat niet
mocht van Jezus, maar besloot dat dat waarschijnlijk niet de beste vraag was om het gesprek mee te openen.
Thee dus…
Of ik het boekje al had gelezen. Natuurlijk niet. Maar ik probeerde een beetje mee te praten in de hoop dat het niet al te veel op zou
vallen. Ze vertelde wat over haarzelf. Ze had een ingewikkelde naam, ervaring had geleerd dat de meeste mensen hier dat niet heel
erg fantastisch konden verworden. Ik probeerde het en faalde op spectaculaire wijze. Na een vernederend lange tijd om me gelachen
te hebben, mocht ik haar Efe noemen. Ze kwam van oorsprong uit Nigeria, maar woonde hier nu al zo’n 25 jaar. Ze was opgegroeid
in de religie en was hier samen met haar man naartoe gekomen om het goede woord te verspreiden. Toen kwam er weer een
verhaaltje over Jezus.
En toen vroeg ze naar mij.
Ik weet niet wat het woord is voor een blik die tegelijkertijd vol afschuw en fascinatie is.
Nou moet ik eerst even vertellen dat mijn leven helemaal niet zo’n bacchanaal is. Gewoon af en toe wat blowen, paddo’s, erg veel
drank en af en toe wat losse seks. Inclusief een, naar mijn mening, leuke anekdote over toen ik hallucinerend boodschappen ging
doen en een erg diepgaand gesprek heb gevoerd met een pak hagelslag. Niet heel veel bijzonders eigenlijk. Maar hoe ze me
aankeek…
Ze kon er ook niet zo goed mee omgaan en dus begon ze maar weer over Jezus. En daarmee vulde we gezellig de tijd totdat het droog
was.
Ik dacht eigenlijk dat ik haar nooit meer zou zien. Tot ruim een week later. Ik had eindelijk mijn ritme gevonden. Pagina na pagina
kwamen uit m’n vingers schieten. En toen werd er weer aangebeld.
Ze stond voor de deur en vroeg of ze mocht binnen komen. Eigenlijk niet, maar omdat ik niet goed was in nee zeggen toch wel.
Ze ging meteen zitten en keek me met grote bezorgde ogen aan. Ze vertelde me dat ze zich zorgen maakte over mijn ziel en dat ze me
wilde helpen in het reine te komen.
Ik wist niet helemaal wat dat betekende, waarschijnlijk een hoop gebid. Maar als dat haar gelukkig zou maken, waarom niet. Het was
duidelijk dat het haar hoog zat.
Dus…
Ik had nog geen oké gezegd of ze pakte m’n arm met stevige hand vast. Zonder pardon trok ze me over haar schoot. Ik was nog te
verbaasd om tegen te stribbelen en had ook niet echt een idee wat er op het punt stond te gaan gebeuren.
Toen begon ze. Ze had vrij grote handen, ik weet niet of dat wat uit maakte, maar het voelde alsof ze door m’n broek heen sloeg. Ik
kon het niet helpen, maar ik slaakte een gilletje. Het leek haar niet te deren, ze ging vrolijk door.
‘Ik…wat doe je…ik dacht…we gaan bidden…maar hier was ik…ow…niet echt op voorbereid.’ Ik sputterde en wrong me in de meest
vreemde bochten.
‘Ik vind je een mooi persoon, maar je bent zondig. Ik zuiver je zonde.’
Ik sputterde nog wat, ik was het er niet mee eens. Maar er lag een hand stevig op mijn onderrug en de andere was me een flink pak
voor m’n billen aan het geven.
Ik had het, even kort door de bocht, al niet echt naar mijn zin. Mijn billen brandde bijna een gat in mijn spijkerbroek.
En toen besloot mijn mond het nog iets erger te maken.
En het ergste was dat ik het niet eens door had.
Efe wel.
Meteen toen het eruit floepte viel alles stil. Ik zocht naar een reden waarom dit zo plotseling gebeurde. Het duurde even en toen

realiseerde ik het me.
Er was een vloek ontsnapt en natuurlijk de stomste die ik in deze situatie had kunnen uitbrengen. Normaal vloek ik als een dronken
zeeman, maar ik had me bij haar echt ingehouden. Deze glimp van de echte ik was niet in goede aarde gevallen.
Alles in de kamer was ineens stil en ijskoud. Efe was even helemaal stil, ik hoorde haar adem door haar neus naar buiten komen.
Toen sjorde ze met een zucht mijn broek naar beneden. Het ging niet helemaal gemakkelijk en volgens mij hoorde ik wat scheuren,
maar het lukte haar wel. En toen ging ze ijskoud verder.
Dit was zo veel erger.
Bijna mechanisch en zo hard.
Ze was echt kwaad.
Het enige dat er te horen was, waren haar grote handen op mijn blote gloeiende billen en mijn wanhopige excuses.
Die negeerde ze en ging onverbiddelijk verder.
Het deed zoveel pijn, ik probeerde op allerlei manieren van over haar schoot te ontsnappen. Maar het lukte me gewoon weg niet.
Haar ene hand hield me als een bankschroef vast terwijl de andere alsmaar door bleef slaan.
‘Zeg dat nooit meer!’ Zei ze uiteindelijk met haar zachte, zangerige toon, ‘jij bent beter dan dat.’
Ze gaf me nog een paar harde petsen en ik gilde het uit.
En toen was het voorbij.
‘Jouw ziel is schoon.’ Een grote tandige glimlach. Ik trok met pijn en moeite mijn broek weer omhoog en wreef even over mijn vurige
achterste. Ze keek me grijnzend aan.
‘Voel jij je zuiver?’
Ik zei maar ja, anders kreeg ik straks nog een pak slaag. Ik voelde eerlijk gezegd niet veel meer dan spijt en nam me voor nooit meer
met iemand over Jezus te praten.

Geef een reactie