Ik hoorde een hele tijd niets meer van de man. Toch kon ik hem niet goed uit mijn hoofd zetten. En ik werd ook  nog bijna dagelijks aan hem herinnend, als Ben weer vroeg wanneer de auto nou eindelijk eens opgehaald zou worden. Ik had Ben maar weinig verteld over de koper van mijn auto, alleen het hoognodige. De enige die ik vertelde wat er die middag was gebeurd, was Mandy, mijn beste vriendin, mijn enige echte vriendin eigenlijk. Ik vertelde het haar tijdens ons wekelijkse bezoekje aan de sportschool. We hadden onze bbb oefeningen en de powerplate net gehad en we zaten in de sauna. Tegenover ons zaten twee hele jonge meiden met jaloersmakend strakke lijven. Ze bekeken ons van onder tot boven.

‘Keizersnee?’, vroeg één van de meisjes brutaal. Ze wees naar het lidteken op mijn buik.

Ik knikte stomverbaasd.

‘Ik wil later ook een keizersnee als ik kinderen krijg.’, zei het meisje tegen haar vriendin.

‘Dat lijkt me veel minder pijnlijk dan een gewone bevalling. Alleen jammer van dat lidteken, maar dat kun je misschien nog wel weer weg laten werken.’

Het meisje negeerde mij nu volkomen, alsof ze alweer vergeten was dat ze net iets tegen mij gezegd had. Ik draaide met om, met mijn rug naar de meisjes toe, legde mijn handdoek over een houten bankje en ging liggen, plat op mijn buik met mijn armen onder mijn kin. Mandy kwam naast me zitten. Ze keek me aan alsof ze het bijna uitproestte van het lachen. De meiden stonden op, sloegen hun handdoeken om zich heen en verlieten de sauna zonder nog   een woord tegen ons te zeggen.

‘Heb je die superstrakke buikjes gezien?’, vroeg ik toen ze de deur achter zich dicht hadden gedaan. ‘Ze zouden voor elke leeftijdscategorie een aparte sauna moeten maken, want dit is wel heel erg confronterend.’

‘Ach, als je die schapen hoort blaten, dan ben je toch blij dat je wat ouder en wijzer bent.’, zei Mandy lachend.

‘Nou, volgens mij is Sanne al wijzer dan die meiden en die is toch nog heel wat jaartjes jonger.’, zei ik smalend. ‘Ze mogen blij zijn dat ze er zo goed uit zien, kunnen ze tenminste nog een rijke vent aan de haak slaan.’

‘En met die gedachte kunnen wij ons dan weer troosten.’, zei Mandy tevreden.

Ik begon het al aardig warm te krijgen en ook Mandy zag er enigszins verhit uit. Ze glom helemaal van de hitte en het zweet.

‘Ik moet je iets vertellen, maar je mag er met niemand over praten’, zei ik geheimzinnig.

Mandy keek me bezorgd aan, ze verwachtte kennelijk geen goed nieuws. Ik vertelde haar wat er gebeurd was. Mandy kon er alleen maar om lachen.

‘Meid, is dat nou zo’n groot geheim? Moet je me daarvoor nou zo laten schrikken? Ik dacht minstens dat je me zou gaan vertellen dat je weer zwanger bent.’, zei ze spottend.

Ik keek haar verwonderd aan. ‘Hoe kom je daar nou bij. Je weet toch dat Ben en ik geen kinderen meer willen.’

‘Nou ja, het had toch gekund. Vroeger riep je ook altijd dat je nooit kinderen wilde en nu heb je er drie. Ik begrijp gewoon niet waar je je zo druk over maakt. Een dansje in een stoffige schuur, op muziek uit een autoradio, het lijkt wel die slechte tienerfilm. Dirty dancing of hoe heet die ook al weer. Als je daardoor al van slag raakt, ben je volgens mij toe aan een stevige beurt.’

Een stevige beurt, dat is Mandy haar antwoord op elk mogelijk probleem. Meestal luister ik er al niet eens meer naar, maar dit keer voelde ik me geraakt en zelfs beledigd.

‘Ben en ik hebben een prima seksleven en dat weet jij best.’, zei ik boos.’

‘Ik weet nergens van.’, zei Mandy lachend. ‘Maar vertel…’

Ik nam nog een slokje water en keek Mandy vuil aan.

‘Kreng’, zei ik zonder geluid.

‘Wees maar blij dat ik zo’n kreng ben, dan haal je tenminste geen gekke dingen in je hoofd.’

‘Waarom luister ik eigenlijk naar jou, wie van ons tweeën is ook alweer gescheiden.’

Mandy maakte een gebaar alsof ze in haar hart geraakt werd.

‘Da’s gemeen!’, riep ze quasi verontwaardigd. ‘Wie heeft mij ook alweer aangeraden om te gaan scheiden?’

‘Misschien had jij wel niet naar mij moeten luisteren.’, zei ik met een brede glimlach.

‘Nee, voor dat advies ben ik je nog steeds dankbaar. Het beste dat me ooit is overkomen.’

Ze stond op en wikkelde zichzelf in haar badlaken.

‘Kom’, zei ze. ‘Het wordt hier veel te heet. Ik trakteer op een caloriearme fruitshake.’

*

Een paar dagen later liep ik in mijn eentje door Amsterdam. Ik had een afspraak met een tijdschrift om een opdracht voor een fotorapportage te bespreken. Het ging om een vrij grote opdracht die ik goed kon gebruiken, omdat mijn orderportefeuille behoorlijk leeg was. Ik had me dus extra goed voorbereid: nieuwe voorbeeldfoto’s gemaakt, naar de kapper geweest, met Mandy de stad in gegaan voor nieuwe kleren. Mandy had me meegenomen naar een hele dure winkel, me allerlei hele dure kleding laten passen en me uiteindelijk overgehaald om het allerduurste pakje te kopen. Een zwarte, strakke rok en een getailleerd jasje. 

‘Niet voor iedereen weggelegd, maar u kunt het hebben’, had de verkoopster gezegd.

Het was natuurlijk een verkooppraatje, maar het vlijde me toch. Daarna hadden we nog nieuwe laarzen gekocht en nieuwe lingerie. Aan het eind van de dag had ik een klein vermogen uitgegeven.

‘Kun je allemaal aftrekken van je inkomsten voor de belasting.’, zei Mandy luchtig.

‘Dan moet ik eerst wel inkomsten hebben om het vanaf te trekken.’, dacht ik iets minder luchtig.

Het was erg mooi weer en ik was expres heel vroeg weg gegaan, zodat ik zeker op tijd zou zijn. Uiteindelijk kwam ik veel te vroeg aan, dus besloot ik om op mijn gemak nog wat langs de grachten te slenteren. Ik heb jaren in Amsterdam gewoond en eigenlijk mis ik de stad nog steeds een beetje. Elke keer als ik er kom, voel ik me meteen weer thuis.

Ik liep langs het smalle kroegje, waar ik vroeger altijd zat met een groepje studievriendinnen. Hele nachten zaten we aan een lange tafel te kletsen met veel witte wijn en zonder jongens. Ons kroegje was nu een koffieshop, je kon de weeë, zoetige wietlucht vanaf de straat ruiken. Een stukje verder, in een smal zijstraatje, stond mijn oude studentenhuis. Ik had een klein, gehorig kamertje op de bovenste verdieping, onder het schuine dak. Er stond een bed en een klein bureautje, meer paste er niet in. Maar het had ook een deur met een slot, waarvan ik de enige sleutel had. Het was het eerste plekje dat helemaal alleen van mij was. Nu waren de ramen en deuren dichtgetimmerd. Er stond een hek om het pand, met een groot bord van stadsvernieuwing. In de tijd dat ik er woonde, was het al een bouwval, dus het verbaasde me dat het huis er überhaupt nog stond.

De gebouwen rondom mijn oude huis waren bijna allemaal gesloopt en vervangen door moderne winkelpanden of kantoren. In één van de panden zat een grand café dat er wel leuk uitzag. Ik had nog wel tijd voor een kop koffie, dus ik ging even naar binnen. Daar zat hij, aan een tafeltje achterin het café. Met zijn grote lijf paste hij onmogelijk onder het tafeltje. Ik wilde me weer omdraaien en weglopen, maar hij had me al gezien. Hij zwaaide enthousiast, lachend van oor tot oor. Het leek me nog steeds verstandiger om weg te gaan, maar op één of andere manier lukte dat niet meer. Ik liep langzaam in zijn richting. Hij bleef rustig zitten en keek me uitdagend aan. Ik verwachtte dat hij me zou omhelzen en wild zou kussen, misschien hoopte ik het ook wel. Maar er gebeurde niets. Hij bood me glimlachend een stoel aan, wenkte de serveerster en vroeg wat ik wilde drinken. De serveerster, een klein meisje met een indrukwekkende hoeveelheid piercings, keek me ongeduldig aan. Ik bestelde snel een koffie verkeerd. De serveerster draaide zich met een ruk om, zonder iets te zeggen.

‘Zes’, zei hij.

‘Hè, wat?’, vroeg ik.

‘Ze heeft zes piercings, dat vroeg je je toch af?’

Ik keek hem verbaasd aan. Dat was inderdaad precies wat ik me afvroeg.

‘Zes voor zover je kunt zien, misschien zijn het er nog wel meer’, zei ik.

‘Ik weet heel zeker dat het er precies zes zijn.’

Het meisje kwam weer terug met mijn koffie. Gewone koffie, geen koffie verkeerd. Ze zette het kopje voor mijn neus zonder iets te zeggen. Het bonnetje gooide ze voor hem op tafel, waarbij ze hem bijzonder vuil aankeek.

‘Heb je haar iets aangedaan of zo?’, vroeg ik toen ze weer weg was.

‘Ik heb haar betoverd, Black magic you know.’, zei hij schaterend.

‘Met voodoo poppetjes en zo?’

‘Veel simpeler, gewoon een goede toverspreuk en een dansje rond een vuur. In Afrika ben ik medicijnman. Ik dans elke avond in mijn blote kont om een kampvuur om allerlei betoveringen uit te spreken.’

‘Dat zou ik wel eens willen zien.’

Hij bulderde van het lachen. Ik realiseerde me wat ik net gezegd had en haastte me om te zeggen dat ik mijn woorden niet zo bedoelde als hij ze uitlegde. Hij moest nog harder lachen en zei dat hij er niet aan twijfelde dat hij mijn woorden precies goed uitlegde. Daarbij keek hij me zo uitdagend aan, dat ik het ineens vreselijk warm kreeg.  Ik had de neiging om mijn jasje uit te trekken, maar realiseerde me dat dat ook weer verkeerd uitgelegd kon worden. Dus hield ik mijn jasje maar aan. Ook andere dingen waarvan ik dacht dat ze verkeerd uitgelegd konden worden, liet ik achterwege. Maar of ik nou glimlachte, mijn benen over elkaar sloeg, een sigaret opstak of gewoon voorover boog om mijn koffie te pakken, steeds weer kreeg ik toch het gevoel dat hij het opgevatte als een signaal.

‘Dat is wel erg toevallig, dat ik je hier tegenkom’, zei ik om maar wat te zeggen te hebben.

‘Geen toeval, ook tovenarij. Ik heb je gewoon zo sterk aan je gedacht dat je hier vanzelf naartoe werd geleid.’

‘Oh, dus daar had ik zelf niets meer over te zeggen.’

‘Natuurlijk wel, het werkt alleen als jij ook aan mij denkt.’

Ik vroeg me af of hij het echt meende, of hij echt dacht dat ik onder de indruk zou zijn van een sprookje dat Timmy nog niet eens zou geloven, of dat hij me voor de gek hield.

‘Even serieus’, zei ik met een welwillend glimlachje. ‘Wat doe je hier in Amsterdam.’

‘Ik ben niet alleen autohandelaar, ik handel ook in drugs en vrouwen. En dan is Amsterdam natuurlijk de place to be.’

‘Als je niet gewoon antwoord op een vraag kunt geven, dan ga ik wel weg.’, zei ik nijdig.

Ik kwam half overeind, maar hij hield me tegen.

‘Relax’, zei hij. ‘We kunnen toch wel gewoon een beetje praten over niets. Waarom zo serieus?’

‘Ik houd niet van praten over niets. Ik ben nieuwsgierig en ik wil je beter leren kennen, omdat ik nog niet vaak iemand als jij heb ontmoet. Maar als jij dat niet wilt, dan ga ik wel weg.’

‘Iemand als ik…… Een zwarte bedoel je?’

‘Ik ken weinig zwarte Afrikanen.’, gaf ik toe. ‘Maar hoeveel blanke, Hollandse moeders kan jij?’

Daar moest hij mij weer gelijk in geven. Hij wenkte de serveerster en bestelde nog een keer hetzelfde. Het meisje keek nu nog chagrijniger dan daarnet. Hij legde zijn arm om haar middel, fluisterde aardig klinkende woordjes in een vreemde taal en gaf haar een flinke tik op haar achterwerk. Het meisje zag er meteen een stuk vrolijker uit. Ik keek toe en merkte dat ik een beetje jaloers werd.

‘Wat heb je nou tegen haar gezegd?’

‘Dat ik haar ga ontslaan als ze niet snel een beetje normaal doet, maar ik denk niet dat ze dat verstaan heeft. Mijn gebaren zullen waarschijnlijk meer geholpen hebben.’

‘Ontslaan, ben je haar baas dan?’

‘Ja, dit is mijn café, net twee maanden open.’

‘Hoe is het mogelijk’, dacht ik. ‘Ik loop in Amsterdam zomaar een café binnen en daar zit hij niet alleen, het café blijkt ook nog eens van hemzelf te zijn. Ik moet straks een lot in de staatsloterij gaan kopen, want de kans dat ik die win is groter dan dit.’

‘Hoe kom jij in godsnaam aan een café in Amsterdam?’, vroeg ik.

‘Dat is een lang verhaal.’

Hij leende een sigaret uit het pakje dat voor me op tafel lag, leunde achterover en begon te vertellen.

Hij vertelde dat hij Albert heette en uit Zuid Afrika kwam. Ik dacht meteen aan apartheid, aan mijn studententijd en aan mijn eerste grote liefde, die fanatiek actie voerde tegen alles wat in zijn ogen verkeerd was. In de periode dat ik zijn vriendinnetje was, deed ik daar net zo fanatiek aan mee. Ik heb zelfs nog een nacht in een politiecel gezeten, omdat ik slangen had doorgesneden bij een pompstation van Shell. Toen ik dit verhaal met lichte trots aan Albert vertelde, keek hij me alleen maar stomverbaasd aan en hij schudde zijn hoofd.

‘Jullie blanken denken ook altijd dat je weet wat goed voor ons is.’, zei hij verontwaardigd.

‘Wat bedoel je daar nou weer mee?’

‘Dat zal ik je precies uitleggen.’

Albert kwam wild gebarend overeind. Hij keek me zo dreigend aan dat ik er bang van werd.

Het bleek dat Albert juist in die jaren voor de Shell gewerkt had en volgens hem waren bedrijven als Shell juist het perfecte middel tegen apartheid geweest.

‘Wat je hier om je heen ziet heb ik allemaal zelf verdiend, door hard te werken bij de Shell. Zo heb ik mijn eigen vrijheid verdiend en daar heb ik van niemand hulp bij nodig gehad.’

Hij keek me triomfantelijk aan. Ik voelde me net een dom gansje van zestien, dat van een ouder en wijzer iemand krijgt uitgelegd hoe het leven in elkaar zit.

‘Sorry’, was het enige wat ik nog wist te zeggen, ook al kon ik eigenlijk niet bedenken waarvoor ik mijn excuses moest aanbieden. Maar het stemde Albert in elk geval iets milder. Hij ging zitten en schudde geërgerd zijn hoofd.

‘Ik kan dat nooit begrijpen. Van die idealisten die zo zeker weten dat ze gelijk hebben, dat ze zich nooit eens afvragen of het eigenlijk wel goed is waar ze mee bezig zijn. Gelukkig hebben jullie niet veel bereikt met jullie acties.’

Hoewel ik me niet schuldig voelde, vond ik het toch nodig om me te verdedigen.

‘Ik deed die acties niet uit idealisme, ik wist nauwelijks waar het over ging. Het was puur vanwege mijn vriendje dat ik meedeed. Ik deed alles wat hij maar wilde, zo wanhopig verliefd was ik op hem.’

‘Alles?’, vroeg hij geïnteresseerd.

‘Dat ook ja’, zei ik geërgerd. ‘Eigenlijk deden we maar twee dingen: actievoeren en vrijen.’

‘En met hem ben je nu getrouwd?’

‘God nee, gelukkig niet zeg. Hij was eigenlijk een onmogelijk iemand om mee samen te leven. Na een half jaar heb ik hem genadeloos gedumpt. Heel spectaculair: al zijn kleren op straat gegooid en zo. Daarna heb ik hem nooit meer gezien.’

‘Zijn verdiende loon.’ Albert glimlachte tevreden.

Het werd voller en voller in het café. Buiten was het gaan regenen en veel mensen vluchtten naar binnen. Albert stond op en nodigde me uit voor een korte rondleiding. Trots liet hij me de keuken, het restaurant en de dansvloeren zien. Plagerig vroeg hij of ik nog geoefend had op mijn danspasjes. Als reactie gaf ik hem een zacht tikje tegen zijn bovenarm. Het was de eerste keer die dag dat ik hem aanraakte. Het voelde spannend, alsof er een elektrisch stroompje door me heen liep. Ik zag dat hij het ook voelde. Het leek of hij er ook een beetje van schrok, want hij staarde even verlegen uit het raam naar buiten. Voor het eerst merkte ik bij hem iets van twijfel en onzekerheid. Met aarzelende gebaren wees hij me de weg naar het volgende vertrek. Door zijn reactie was ik ineens vol zelfvertrouwen. Het leek me wel leuk om eens een beetje met hem te spelen, zoals hij tot nu toe met mij had gespeeld. Vroeger was ik daar erg goed in en ik wilde wel eens weten of ik het nog kon. Met iets meer heupbeweging dan strikt noodzakelijk ging ik hem voor de trap op. Ik voelde zijn ogen in mijn rug. Het was wel duidelijk waar hij naar keek. Ik zorgde dat ik hem net ver genoeg voor bleef, hij mocht kijken maar niet aanraken. Bovenaan de trap was een lange, smalle gang. Ik had natuurlijk geen idee welke kant ik op moest. Albert wurmde zich in de smalle ruimte langs me heen, waarbij hij me zogenaamd per ongeluk even aanraakte. Hij opende een deur en leidde me met een voorzichtig duwtje in mijn rug naar binnen. We stonden midden in een ruim vertrek met aan alle kanten grote ramen. Als vanzelf liep ik naar één van de ramen. Het uitzicht over de stad was geweldig. Ik zag onder me de mensen voorbij lopen, zonder dat ze door hadden dat ik ze kon zien. Albert kwam vlak achter me staan en keek over mijn schouder mee. Ik zag zijn gezicht weerspiegelen in het glas. Hij raakte me niet aan, maar toch voelde ik dat hij heel dichtbij was. Ik merkte dat ik het niet onprettig vond. Meestal vind ik het vervelend als mensen heel dicht bij me komen, maar bij hem had ik er geen moeite mee. Zo stonden we een tijdje zwijgend naar buiten te staren. Toen legde hij heel voorzichtig zijn hand in de holte van mijn rug. Ik schrok. Aanraken was wat mij betreft niet toegestaan. Niet omdat ik het niet wilde, maar omdat ik bang was dat ik de controle kwijt zou raken en me zou laten meeslepen. Dat was me vroeger vaak genoeg overkomen en dat en dat eindigde dan altijd op dezelfde manier. Sinds ik Ben kende was dat niet meer voorgekomen en het mocht nu ook absoluut niet gebeuren, maar de verleiding was wel behoorlijk groot. Ik zette een stap opzij en draaide me om, zodat ik met mijn rug naar de ramen toe stond. Albert deed heel galant een paar passen de andere kant op, zodat ik wat meer ruimte kreeg. Ik keek om me heen. Het vertrek was eigenlijk een complete woning. Er was een zithoek, een kookeiland en een groot tweepersoonsbed. Onwillekeurig vroeg ik mezelf af wat er allemaal in dat bed gebeurde.

‘Niet aan denken.’, zei ik tegen mezelf. ‘Niet aan denken en vooral niet naar vragen.’

Ik deed mijn uiterste best om naar iets anders dan het bed te kijken. Het was een mooie ruimte met designmeubelen en moderne kunstwerken aan de muur, waarschijnlijk ingericht door een binnenhuisarchitect. Maar de ruimte leek ook erg netjes en opgeruimd, alsof er niet echt iemand woonde.

‘Je komt hier niet zo vaak, zeker?’, vroeg ik.

‘Alleen als ik in Amsterdam ben en dat is hooguit één keer per maand. Eigenlijk woon ik in Londen.’

Ik knikte en betrapte mezelf erop dat ik nauwelijks luisterde naar wat hij zei.

‘Zei hij nou Londen?’, vroeg ik me verbaasd af.

Als vanzelf was mijn blik weer zijn kant op gegaan en ik stond hem ongegeneerd aan te staren. Ik zag dat hij net zo ongegeneerd terugstaarde. We deden een wedstrijdje wie het langst kon staren. Albert had er het eerste genoeg van. Zijn blik zakte van mijn gezicht naar beneden, totdat hij me met zijn ogen helemaal uitgekleed had. Daarna zette hij de volgende stap. Hij pakte me stevig bij mijn heupen en liet me om mijn as draaien, zodat ik weer met mijn rug tegen hem aan stond. Ik voelde mijn hart in mijn keel kloppen en ik hoorde zware,  hijgerige ademhaling, maar ik wist niet zeker of dat nou die van mij of die van Albert was. Hij was in elk geval behoorlijk opgewonden en hij was ook niet van plan om nog geheimzinnig te doen over zijn bedoelingen. Zijn handen gleden van mijn heupen af naar achteren, naar de sluiting van mijn rok. Mijn handen schoten snel naar achteren om hem tegen te houden.

‘Dat is niet de bedoeling.’

Albert duwde me van zich af. Ik struikelde bijna.

‘Wat is dan wel de bedoeling?’, vroeg Albert boos. ‘Je loopt me hier duidelijk te versieren, maar als het erop aankomt is het ineens niet de bedoeling.’

‘Ik ben getrouwd.’, zei ik laf.

‘En dat bedenk je nu ineens. Daar had je wel eens wat eerder aan kunnen denken. Voor een getrouwde vrouw ben je al veel te ver gegaan. Als je man dit hoort, krijg je vast een flink pak voor je blote kont.’

Ik schrok verschrikkelijk.

‘Volgens mij zit ik er niet ver naast.’, zei Albert gemeen. ‘Zeg maar wat je wilt hoor: een pak slaag of een stevige beurt, het kan allebei.’

‘Heb je die stevige beurt weer’, dacht ik. En hoewel die beurt tot een paar minuten erg aantrekkelijk had geleken, wilde ik nu nog maar één ding: wegwezen.

Terwijl ik dat dacht, schoot me ineens ook nog iets anders te binnen.

‘Hoe laat was het eigenlijk?’

‘Veel te laat’, wist ik meteen.

Ik durfde nauwelijks op de klok te kijken en toen ik dat uiteindelijk toch deed, zag ik dat ik al meer dan een uur te laat was voor de afspraak met mijn nieuwe klant.

‘Ik moet weg’, stamelde ik. ‘Te laat voor een afspraak.’

‘Okee, nou jammer, het was gezellig en doe de groeten aan je man’, zei Albert cynisch. ‘Ik bel je nog wel over de auto.’

Beneden in het café liep ik bijna het meisje met de piercings omver. Ze liep net langs met een dienblad vol glazen toen ik de trap af kwam stormen. Ze riep me nog iets na, maar dat hoorde ik niet meer. Ik rende de straat op, zo snel als mogelijk was op mijn hoge hakken. Binnen een paar minuten was ik bij het kantoor waar ik een afspraak had.

De receptioniste keek me verbaasd aan en zei dat degene waar ik een afspraak mee had niet meer in het gebouw was. Ik vroeg of ik hem aan de telefoon kon krijgen. Ze draaide een nummer en gaf me het toestel. Zijn secretaresse zei nog een keer dat hij er niet meer was en dat ik hem ook niet kon spreken. Ik moest het later maar weer proberen. Verslagen liep ik het gebouw weer uit. Vanuit een café, niet het café van Albert, bleef ik proberen om mijn opdrachtgever aan de telefoon te krijgen. Steeds weer kreeg ik zijn secretaresse en steeds weer was de boodschap hetzelfde: ik moest later maar terugbellen. Uiteindelijk kreeg ik hem aan de telefoon. Zijn boodschap was duidelijk: hij wilde me niet spreken en hij was niet meer geïnteresseerd in mijn diensten. Het duurde even tot het tot me doordrong wat dat betekende: geen nieuwe klant, geen grote opdracht, nog steeds te weinig werk en te weinig inkomsten. Al het werk en alle tijd die ik al aan deze klant had besteed, allemaal voor niets. En dat alleen maar omdat ik te beroerd was geweest om de tijd in de gaten te houden. Ik belde Ben en vertelde hem wat er gebeurd was, alleen de reden waarom ik te laat was geweest verdraaide ik een beetje. Ben hoorde het rustig aan, hij zei niet erg veel. Hij werd niet boos, maakte me geen verwijten, eigenlijk luisterde hij alleen maar. Hoe langer ik met Ben praatte, hoe schuldiger ik me voelde en hoe meer van streek ik raakte. Uiteindelijk zat ik te huilen aan de telefoon. De mensen in het café keken me aan met een mengeling van schrik, nieuwsgierigheid en verbazing. Ben kon door de telefoon natuurlijk ook horen dat ik zat te huilen. Hij probeerde me niet te troosten, maar vertelde me op kalme toon wat ik moest doen. Ik moest zo snel mogelijk naar huis komen, niet met de auto, maar met de trein. En ik moest bellen als ik in de trein zat. Ik protesteerde, want ik wilde de auto niet achterlaten, dat was alleen maar lastig.

‘Kom jij nou maar gewoon met de trein.’, zei Ben onverstoorbaar. ‘Het is toch al niet je dag, daar kunnen we geen ongelukken bij gebruiken. Die opdracht gemist, zere billen, het is allemaal al vervelend genoeg.’

Ik was nog te verward om hem meteen te begrijpen.

‘Zere billen? Ik heb helemaal geen zere billen.’

‘Nu nog niet nee, maar dat komt nog wel.’

*

Ik zag Ben niet op het perron staan toen ik uit de trein stapte. In zijn plaats stond Tonny me op te wachten. Ik was nog zo in gedachten dat ik haar gewoon voorbij liep. Ze kwam achter me aan gerend en tikte me op mijn schouder. Zoals altijd lachte ze vrolijk. Meteen voelde ik me weer schuldig, want ik had Tonny een rolletje als model beloofd in mijn eerstvolgende fotorapportage. En die kwam er nu voorlopig niet. Ik had er nog niet eens aan gedacht dat ik Tonny ook moest vertellen dat het allemaal niet door ging. Maar gelukkig bleek ze dat al lang te weten. Ze leek het ook helemaal niet zo erg te vinden.

‘Misschien is het maar beter zo’, zei ze opgewekt. ‘Als internationaal topmodel was ik toch alleen maar aan de drugs geraakt.’

Ik kon er met veel moeite een beetje om lachen. In elk geval was ik blij dat Tonny het zo sportief opvatte. Waarschijnlijk had Ben haar al ingelicht en opgevrolijkt met een paar charmante opmerkingen. Daarna had hij haar dus naar mij toe gestuurd. Ik vroeg me af waarom. Tonny wist het ook niet echt. Ze zei dat mijnheer Ben haar had gebeld en gevraagd had of ze even op Timmy en Patrick wilde passen. Hij was met Sanne weggegaan en alleen teruggekomen. Daarna had hij ook Patrick en Timmy weggebracht. Timmy had nog geprotesteerd, hij wilde liever thuisblijven, maar Ben was onverbiddelijk geweest.

‘Ik had ook best bij jullie thuis op Timmy willen passen’, zei Tonny verontwaardigd.

‘Ik denk dat Ben de kinderen even kwijt wilde’, zei ik voorzichtig.

‘Oh, ik begrijp het. Jullie gaan….’ Ze brak haar zin af, sloeg haar hand voor haar mond en keek me geschrokken aan. Haar gezicht werd vuurrood van schaamte. Ik geneerde me net zo erg, maar moest er toch ook wel om lachen.

‘Ik kan me voorstellen dat je begrijpt wat Ben en ik gaan doen lieverd, maar eigenlijk hoor je dat niet te laten merken.’

Tonny grinnikte beschaamd. Ik gaf haar een snelle knuffel.

‘Hoe gaan we naar huis? Heeft Ben dat geregeld of moeten we lopen?’

‘De taxi staat te wachten.’

*

De taxi zette Tonny bij haar huis af. Ik stapte ook uit. Het was nog maar een klein stukje lopen naar ons eigen huis en ik had wel behoefte aan een beetje frisse lucht. Van veraf kon ik al zien dat er rook uit de schoorsteen van ons huis kwam. De open haard was dus aan.

Ben zat in de woonkamer op me te wachten, ontspannen achterover geleund in een gemakkelijke stoel  met een glas whisky binnen handbereik. Hij leek niet boos of geïrriteerd. Alles leek volkomen normaal, klaar voor een rustig avondje met zijn tweeën. Er was maar één ding dat erop duidde dat er mogelijk iets ging gebeuren: op de armleuning van Ben zijn stoel lag een houten haarborstel. Ben besteedde geen aandacht aan de borstel, deed alsof die er toevallig lag. Hij gaf me ook een glas whisky en leidde me naar het kleed voor de haard. Het kleed voor de haard is één van mijn favoriete plekjes om te vrijen, dus ik dacht even dat Ben me probeerde te verleiden. De gloed van het haardvuur en de warmte van de whisky brachten me ook al aardig in de stemming. Ben kwam achter me zitten. Hij masseerde mijn nek en schouders. Terwijl hij dat deed moest ik vertellen wat er die middag allemaal gebeurd was. Hij wilde het precies weten. Ik vertelde alles, maar daarbij verdraaide ik de waarheid wel een beetje. Albert werd een oude vriendin uit mijn studietijd. Ben vroeg nog wie ze was en hoe ze heette. Albertine was het enige dat ik zo snel kon bedenken.

‘Je kent haar toch niet’, voegde ik er nog snel aan toe.

‘Je moet haar maar eens aanwijzen op een oude foto. Misschien  ken ik haar toch wel. Is ze een beetje knap?’

Ben knoopte mijn bloesje los en ging verder met het masseren van mijn schouders.

‘Als ik toch moet liegen dan doe ik het ook meteen goed.’, dacht ik.

Binnen een paar seconden had ik bedacht wie van mijn studievriendinnen de rol van Albertina mocht gaan spelen. In het echt heette ze Brechtje en ze was na ons afstuderen geëmigreerd naar Australië. Een veilige keuze, leek me.

‘Vroeger was ze een klein, fragiel meisje met een hele blanke huid en lang rood haar. Echt een schatje om te zien. Volgens mij heb ik nog ergens een hele spannende foto waar ik samen met haar op sta. Als je heel lief voor me bent mag je die misschien wel zien.’

Ben beet heel zachtjes in mijn nek.

‘Als jij spannende foto’s hebt die ik nog nooit heb gezien, weet ik niet of jij het wel verdient dat ik lief voor je ben.’

‘Dan krijg je die foto’s ook niet te zien. Zelf weten.’

Ben moest lachten. Hij gaf zich gewonnen. Heel langzaam trok hij al mijn kleren uit. Ik kreeg zachte kusjes op elk vrijgekomen plekje van mijn lichaam. Toen ik helemaal naakt was zette hij me op handen en knieën voor de open haard, met mijn hoofd naar het vuur. Ik keek over mijn schouder naar de opgewonden blik op zijn gezicht. Hij kleedde zich uit, ging op zijn knieën achter me staan en legde zijn handen op mijn heupen.

‘Ben je er klaar voor?’, vroeg hij met geknepen stem.

Ik hoefde geen antwoord meer te geven.

Na afloop lagen we tegen elkaar aan op het kleed. Ik voelde me heerlijk ontspannen. Seks is altijd een goede manier om opgekropte stress kwijt te raken. Ik legde mijn hoofd op zijn borst en luisterde naar zijn hartslag. Ineens hoorde ik zijn maag rommelen.

‘Heb jij ook zo’n honger?’, vroeg ik lachend.

*

Ben zorgde voor het eten, terwijl ik een heerlijk warm bad nam. Ik werd er zalig loom van en moest oppassen dat ik niet in slaap viel. Ben kwam nog even binnen om me een glaasje wijn te brengen.

‘Wat wordt er toch goed voor me gezorgd’, dacht ik schuldbewust.

Eigenlijk verdiende ik dit allemaal niet, zeker niet nu ik Ben ook nog eens had voorgelogen. Maar op één of andere manier leek het allemaal niet zo erg. Het was gewoon onderdeel van het spel, zo hield ik mezelf voor. Ben kwam me halen voor het eten. Hij hielp me uit bad en droogde me af met een grote, zachte handdoek. Ik trok nog even snel een spijkerbroek en een bloesje aan en rende toen achter hem aan de trap af.

Ben had zelfgemaakte pasta gekookt, met tomatensaus van verse tomaten uit onze eigen kas en stukken kippenvlees van één van onze eigen kippen, die Ben de week daarvoor eigenhandig had geslacht. De kinderen hadden ervan gegruweld en ik had ook meegedaan, maar stiekem had ik er ook wel bewondering voor dat Ben dat soort dingen gewoon zonder pardon deed.

Na het eten voelde ik me ineens vreselijk moe. Ik wilde naar bed gaan, maar Ben hield me tegen.

‘Volgens mij hebben wij nog iets af te handelen’, zei hij streng. ‘Ik zal je leren om voortaan op tijd te komen voor belangrijke afspraken.’

Ik was niet verrast. In mijn achterhoofd had ik vanaf het moment dat ik thuiskwam geweten dat dit zou gaan gebeuren. Ben pakte de haarborstel, die al die tijd had klaargelegen. Uit een la in de grote kast haalde hij een satijnen sjaal en een fluwelen handschoen. De handschoen had ik nog niet eerder gezien. Ben ging op de bank zitten met de borstel, de sjaal en de handschoen voor hem op tafel. Ik mocht mijn spijkerbroek en mijn broekje naar beneden doen, al was ‘mocht’ in dit geval een wat vreemde uitdrukking. Als ik het niet deed, zou hij het ongetwijfeld wel voor me doen. Ben pakte me stevig vast en legde me over zijn knie. Met kussens op de juiste plaatsen zorgde ervoor dat ik comfortabel lag. Het voelde vertrouwd en veilig, hoewel ik wist dat het veel pijn zou gaan doen. Toen ik daar zo lag, moest ik tot mijn eigen verbazing aan Albert denken. Die middag had ik wel met hem naar bed gewild en eigenlijk wilde ik dat nog steeds, maar of ik dit ook met hem zou kunnen? Ik rilde haast bij de gedachte.

Ben schoof wat heen en weer met de kussens, totdat ik precies goed lag.

‘Je kontje nog ietsje verder omhoog. Ja, zo is het goed. Geef me je handen.’

Ik stak mijn armen omhoog, zodat hij ze bij de polsen kon vastpakken. Met de sjaal bond hij mijn polsen stevig aan elkaar, zodat ik mijn billen niet kon bedekken of kon wrijven. Ik kon geen kant meer op, ook al zou ik willen. Het enige wat ik nog kon doen was mijn billen omhoog duwen en mijn straf in ontvangst nemen. Ben schoof mijn bloesje nog wat omhoog.

‘Zoals je vast wel gezien hebt, is deze borstel vrij klein. Heel geschikt dus om je kontje bil voor bil op te warmen. Daar wou ik maar eens mee beginnen. Is dat goed?’.

‘Ik lig hier over zijn knie met mijn handen op mijn rug gebonden en dan gaat hij nog eens vragen of het goed is’, dacht ik in stilte. ‘Hij moet niet vragen, hij moet gewoon doen. Dat is zijn rol’.

Bijna zei ik er wat van, maar ik bedacht net op tijd dat bijdehante opmerkingen ook niet echt bij mijn rol pasten.

‘Ik wacht op een antwoord’, zei hij rustig.

‘Ja, dat is goed’, antwoordde ik met een zucht.

Hij tilde de borstel op. Ik sloot mijn ogen en wachtte gespannen af, maar hij legde de borstel ook weer zachtjes terug. Automatisch zakte de spanning weer een beetje weg. Meteen kreeg ik een venijnige tik, midden op mijn linker bil. De klap kwam zo onverwacht dat ik bijna een gil slaakte, maar die kon ik nog net op tijd inslikken. Ik beet op mijn tanden toen hij de borstel weer optilde. Hij wachtte nog even tot het gevoel van de eerste klap helemaal tot me was doorgedrongen, daarna kreeg mijn rechterbil dezelfde behandeling. Zo ging hij verder in een langzaam ritme, elke slag heel nauwkeurig gemikt op een plekje waar de borstel nog niet geweest was. Van links naar rechts en van rechts weer naar links, zodat de bil die niet aan de beurt was steeds een heel klein beetje kon herstellen. Ik probeerde mijn lichaam zo stil mogelijk te houden, maar dat koste erg veel moeite. Het deed zeer, heel erg zeer. Elke slag zorgde voor een nieuw brandje op één van mijn billen. Er was al bijna geen plekje meer over waar de borstel nog niet geweest was, daardoor ging de pijn van de slagen steeds dieper.

Hij ging rustig door in hetzelfde tempo, geen versnelling, geen vertraging, steeds hetzelfde ritme. Het leek wel een uurwerk. Ik kon niet meer stil blijven liggen. Elke keer als hij een gevoelig plekje raakte, trappelde ik met mijn benen in de lucht.

Ineens stopte hij. Het duurde even voordat ik het door had. In plaats van de harde borstel voelde ik nu iets ongelofelijk zachts over mijn billen glijden. De fluwelen hand gleed heel voorzichtig van mijn bovenbeen naar de holte van mijn rug en weer terug. Het was een zachte, voorzichtige aanraking, die zorgde voor een hele lichte, tintelende pijn.

‘Voel je hoe zacht dat fluweel is?’, vroeg hij.

Ik kon alleen nog maar knikken.

‘We gaan hard en zacht een beetje afwisselen, dan houd je het wat langer vol.’

Ik schrok een beetje van zijn woorden. Ze klonken dreigend en opwindend tegelijk.

Hij ging rustig verder met strelen, ook hier nam hij alle tijd voor. Het leek alsof de pijn inderdaad een heel klein beetje wegzakte. Maar dat veranderde snel toen hij de borstel weer ter hand nam. Ik kreeg slagen midden over mijn billen in een hoog tempo. Geen afwisseling meer, gewoon een regen van harde klappen. Wat deed dat ongelofelijk zeer. Het lukte me niet meer om stil te zijn. Ik schreeuwde het uit en de eerste echte tranen rolden over mijn wangen. Hij stopte weer en veegde met de handschoen de tranen van mijn gezicht. Ik kon zien dat hij onder de indruk was en even was ik bang dat hij al ging stoppen, maar hij zette gelukkig door. 

‘Ik wil pas stoppen als je een mooi egaal rood kontje hebt, maar ik ben nog niet helemaal tevreden. Ik zal met de hand nog even de plekjes doen waar ik met de borstel niet bij kon’.

Hij duwde mijn benen van de bank en klemde ze stevig tussen zijn eigen benen, zodat ik niet meer kon spartelen. Met de vlakke hand gaf hij me een flink pak ouderwetse billenkoek. Het deed iets minder pijn dan de slagen met de borstel, maar nog steeds genoeg om me te laten gillen. Ben heeft grote, sterke handen en daarmee is hij ook heel goed in staat om mijn billen te laten gloeien. De schrijnende pijn was bijna niet meer uit te houden. Ik probeerde me te bewegen om de slagen te ontwijken, maar dat was zinloos. Hij klemde me nog steviger vast en ging onverstoorbaar verder. Ik schreeuwde dat het genoeg was, maar ook dat had geen zin. Het is pas genoeg als hij vindt dat het genoeg is.

‘Nog een paar tikjes maar, dan is het voorbij’, zei hij rustig.

Hij leek zijn best te doen om de laatste paar klappen nog extra venijnig te maken. Vier snelle tikken kreeg ik nog, toen was het eindelijk voorbij. Hij maakt het lint om mijn polsen los en hielp me overeind. Heel voorzichtig voelde ik aan mijn achterwerk. Het gloeide en voelde wel twee keer zo groot als normaal. Ik haalde een paar keer diep adem om het huilerige gevoel kwijt te raken. Door mijn tranen keek ik hem aan en ik glimlach flauwtjes. Ik was hem dankbaar. Hij glimlachte ook flauwtjes en inspecteerde de kleur van mijn billen. Mooi egaal rood, zoals hij beloofd had.

Geef een antwoord